Ina Hollander

Columnist

  • Categorie: Treinen door Schotland (Pagina 1 van 2)

    Dag tien: van IJmuiden naar Hoogkarspel

    Theo’s telefoon heeft de geest gegeven en mijn wekker blijkt niet goed afgesteld. Toch zijn we precies op tijd wakker om de volle drie kwartier te benutten die wij steeds tot het ontbijt nodig hebben. Dat ontbijten doen we met z’n vieren met de meegebrachte broodjes en verse koffie. Buiten is het grauw en grijs, het regent weer of nog steeds. Dat doet het ook in IJmuiden. In de stromende regen leggen we onze rugzakken in de daarvoor bestemde bagageruimte van de super-de-luxe bus. Het is echt heel goed geregeld door de DFDS i.s.m. busbedrijf Brouwers. Terwijl de regen met bakken naar beneden komt, rijden wij naar Amsterdam waar we bij het Victoria hotel worden afgezet. Terug bij af. We lopen het laatste stukje naar het station, kopen onze kaartje met korting en reizen het laatste traject naar Hoogkarspel. Met z’n vieren lopen we naar de rotonde waar onze wegen zich splitsen en nemen afscheid met kussen en laatste woorden: ‘Heel gezellig!’ ‘Prachtige reis!’ ‘Supergeregeld door de Treinreiswinkel!’ ‘Doen we nog eens!’ en ‘Gauw foto’s kijken!’

    Wat een heerlijke anderhalve week…

    Dag negen: van Inverness naar New Castle

    Vandaag moeten we vroeg uit de veren, omdat onze trein om 7.30 uur vertrekt. Dit betekent dat we niet rustig bij Suzanne en John in het guesthouse kunnen ontbijten. Dat wordt opgelost. Suzanne heeft voor ieder van ons een heerlijk ontbijttas klaargemaakt waarvoor ze gisteren onze wensen doornam. Heerlijke broodjes, zelfgemaakte choco- banaanmuffin en meer lekkers. Het is droog wanneer we naar het station lopen. Bij het oversteken blijft het een aandachtspunt om eerst naar rechts en dan naar links te kijken. Alle vier gaan we er wel een keer de fout mee in. Gelukkig blijft het hooguit bij de schrik dat er ‘opeens’ een auto vlakbij is. We hebben gereserveerde plaatsen en bemerken tot onze tevredenheid dat we vlak naast de restauratiewagon zitten. Ja, daar doe je ons plezier mee. Dachten wij… Direct na vertrek valt ons dat de trein best wel herrie maakt op de plek waar onze wagon verbinding maakt met de dranken- en spijzen wagen. Misschien moet ie nog even warm lopen. Ongeveer een half uur later merkt Jos, die het dichtst bij de deur zit, dat hij een brandlucht lijkt te ruiken. Zal wel een verbrandde tosti zijn merken wij laconiek op. Toch, nog geen halve minuut later ruiken we het allemaal en ook de mensen achter ons en verder in het rijtuig maken opmerkingen. Dan, opeens, lijkt, komt er rook de coupé binnen. Binnen de kortste tijd ontwikkelt zich een niet te negeren rookgordijn. Nu kan niemand meer rustig blijven. Iedereen staat op en weet niet goed wat te doen. Weet het treinpersoneel het al? Wordt er al iets ondernomen? Ik zie de noodrem. Moet ik er aan trekken? Als ik naar buiten kijk zie ik dat we over een brug rijden. De diepte daaronder ziet er nu niet aantrekkelijk uit, als de trein nu stopt kunnen we er nog niet uit.20140923_090938 20140923_090943

    Ik ben mij bewust van de groeiende onrust in mijzelf en bij de mensen om mij heen. Wat is er aan de hand, waarom wordt er niets omgeroepen? Waarom rijdt de trein gewoon door? Ik verbaas me in die korte tijd vooral over mijn aarzeling om aan de noodrem te trekken, hoop dat een ander die doortastendheid bezit. Er is toch reden genoeg om een noodstop af te dwingen. Er is onomstotelijk sprake van een ongezonde situatie, bovendien voelen wij ons reizigers in gevaar. Toch trek ik niet aan de rode hendel. Dan komt iemand van het treinpersoneel vanuit de restauratiewagon die ons aanspoort zo ver mogelijk van de plek vandaan te lopen, zo diep mogelijk de trein in. Het is een lange trein weet ik, omdat we op een perron ver moesten lopen om onze zitplaatsen te vinden. Ik ben blij met die opdracht, dat doet het dilemma naar de achtergrond verdwijnen. Snel graai ik de vier ontbijtzakken bij elkaar, een tas en het net geopende bakje yoghurt van Theo. Gerda pakt de rest en snelt met mij door het gangpad. zo ver mogelijk bij het doorrookte rijtuig vandaan. De mannen zijn veel rustiger, die twijfelen nog even over het meenemen van de rugzakken. Die kunnen mij nu even gestolen worden, wie mijn kleren wil mag ze hebben. Wegwezen, en snel. Bovendien zit alles van echte waarde in onze kleine rugzakjes die we op de borst dragen. Ik draaf door de coupés, met Gerda niet ver achter mij. Ik ben blij later ook de mannen te zien aankomen. De kans dat we het alle vier overleven wordt nu groter. Pas als we in een treinstel komen waar de lucht helder is en niet verontreinigd ruikt, stoppen we en zoeken een plekje. Het valt mij op dat het de passagiers die we voorbij lopen wel duidelijk is dat er iets aan de hand moet zijn, maar het hen niet onrustig maakt. Eenmaal weer gezeten, geef ik Theo zijn bakje yoghurt en constateer ik twee zakjes met verzameld ontbijtafval gered te hebben. Ondertussen blijft de trein gewoon doorrijden. Pas na een klein half uur wordt er omgeroepen dat het euvel verholpen is, het betrof een doorgebrand remblokje. Onze slimme mannen dachten dat al..Ook wordt gezegd dat deze trein zijn rit naar New Castle zal uitrijden. We lopen terug naar onze plaatsen in de nog niet rookvrije coupé. Lekker ruiken doet het ook nog niet. Er worden raampjes opengezet en een deur wordt door een koffer op een kier gehouden. Het helpt, hoewel het nog wel even duurt voordat het echt fris is. Achter ons zit een vader met zijn schattige dochtertje. Hij moet naar Londen en reist voor het eerst met de trein. Een memorabel tochtje dus. De reis naar New Castle verloopt verder voorspoedig. Het landschap wordt vlakker en het zonnetjes laat zich slechts af en toe zien om dan weer snel door een wolkenmassa aan het zicht onttrokken te worden. Jos en Gerda slaan aan het klaverjassen en Theo en ik lezen een boek. We praten, eten en dan zijn we toch ‘opeens’ weer in New Castle. Met zo’n veertig minuten vertraging. gelukkig hebben we alle tijd voordat de bus naar de haven gaat.

    DSC_0568

    Het regent nu, en niet een klein beetje. Voor het eerst deze reis worden de regenjassen tevoorschijn gehaald. We lopen het centrum in, wat niet onaardig is en doen in de supermarkt op het station boodschapjes. Broodjes en drinken voor het ontbijt. Bier, wijn en chips voor vanavond. IMG_6822 IMG_6821De transfer naar het schip gaat perfect. Dit schip ‘Princess Seaways’ is duidelijk nieuwer en van meer comfort en zitjes voorzien dan het schip op de heenweg ‘King Seaways’,hoewel die ook niet slecht was.
    IMG_6825 IMG_6831 DSC_0572 DSC_0573 DSC_0575 We kuieren over diverse dekken en kijken toe hoe personenauto’s, bussen, vrachtwagens en campers de boot oprijden. Zoals altijd schalt de muziek over de boot als die uitvaart. Het voelt als een lang afscheid en de neiging is om naar dierbaren op de kade te zwaaien die snikkend terug wuiven met zakdoekjes in de hand. Alleen, er staan geen dierbaren. Dan begint het te plenzen, we vluchten snel naar binnen voor jawel, weer eens een lekker bakje cappuccino. We kunnen niet nalaten het te hebben over de geweldige mazzel van afgelopen week. We gingen uit van regen en mist zodat het alleen maar kon meevallen. En het is meer dan dat: korte mouwen en soms een vest, in september, in Schotland. Dan ben je voor het geluk geboren 😉 Later eten we nog een lekkere maaltijd in één van de restauraties en zoeken dan de taxfree winkels op. Het zal inmiddels niemand verbazen dat Jos een aankoop in de whiskyhoek doet, Theo en ik gaan voor de literfles Tia Maria. ‘s Avonds wordt weer leuk: in een rugzak smokkelen we de meegebrachte fles wijn, de bierblikjes, de chips en de plastic bekertjes naar een gezellig hoekje.20140923_200711 20140923_200726

    Drinkend, happend, gezellig pratend en lachend blijven we daar zitten tot er geen druppel meer over is. Dan wordt het tijd om naar de nachtclub te gaan. De zangeres is een betere dan de heenweg, ook het volume is minder. Prettig,kun je elkaar tenminste verstaan. De mannen gaan nu aan het betaalde bier en Gerda en ik doen gek en bestellen een cocktail ‘Poison’ met wodka en jus d’orange. lekker, maar lolliger dan we waren worden we niet 😉 We vermaken onze met de Engelse kwis die wordt gedaan: een lied klinkt en wie het weet mag naar voren stuiven. Degene die als eerste in een speciaal daarvoor uitgekozen stoel gaat zitten, mag het antwoord geven. Het is vooral een jonge meiden aangelegenheid die, als het uitkomt, met z’n drieën op elkaar gaan zitten. Tegen middernacht nokken we af en zoeken onze naast elkaar gelegen hutten op voor de laatste nacht.IMG-20140923-WA0000 IMG-20140923-WA0003

    Dag acht: van Portree naar Inverness

    Ontbijten, spullen in de rugzak, uitchecken en zorgen dat we 10.15 uur op het plein staan waar de bus klaarstaat. We
    gaan het Isle of Skye verlaten en rijden naar Kyle op het vasteland waar we weer op de trein zullen stappen. Wachtend in de rij voor de bus valt Jos’ oog op een man met een grote bos blond krullend haar. Hij ziet grote gelijkenis met Robert Plant, de zanger van Led Zeppelin. ‘Een echte rocker’ Het zal toch niet waar zijn dat de echte Robert Plant hier met een ticket in de hand, op zijn beurt voor de bus wacht. Theo twijfelt, hij denkt eerder dat het de zanger Peter Frampton is die een ritje met de bus wil maken. Gerda en ik bemoeien ons er nu ook mee. Hij heeft wel het echt seks, drugs en rock & roll hoofd, dus tja, het is niet uitgesloten dat we een beroemde meneer in ons midden hebben. Jos wil een foto maken en doet dat natuurlijk heel onopvallend door zogenaamd een bus tafereel te fotograferen, allen Robert Peter kijkt onze kant niet op. Verdorie. Pas het laatste moment kijkt hij onze richting op, te laat. Na het instappen wijst Gerda op de stoelen voor de beroemdheid: ‘Hier zitten’? Dan volgt een memorabel moment. De rocker spreekt vloeiend Nederlands: ‘Ik zou het niet doen, ik hoor alles.’ Hoe gênant wil je het hebben. Jos duikt in elkaar op zoek naar losse veters, maar het blijkt een aardige kerel die het wel vermakelijk vindt. Er kan gelukkig om gelachen worden. De man met Haagse tongval reist ook met tickets, geregeld door de Treinreiswinkel, is een groot liefhebber van Groot-Brittannië en vindt alles vet en gaaf. Na een uur komen we aan op het Kyle of Lochalsh station. We hebben daar een korte overstaptijd. Wachtend op de trein komt er ineens met snelle tred Schot in bijzondere kilt voorbij lopen. Hij ziet er prachtig uit. Helaas, het fototoestel is niet paraat. Ik hoor op afstand een vrouw tegen iemand zeggen dat een Schots militair uniform zou zijn. Of dat zo is?
    We volgen weer een mooi traject. Het verveelt niet om te kijken naar het steeds wisselende, uitgestrekte ruige Schotse landschap.
    De tweeënhalf uur gaan zo weer snel genoeg voorbij. Halverwege de middag komen we aan in Inverness, de eerste indruk is die van een sfeervol centrum. Uitnodigend ook. Het is zo’n tien minuten lopen naar het guesthouse. Het is een leuke wandeling, we kijken met plezier naar prachtige huizen die we onderweg tegenkomen. Het welkom door het echtpaar dat het guesthouse, genaamd ‘Inverglenn’ is allerhartelijkst. En, ongelooflijk, maar de man lijkt sprekend op Elton John. Niet te geloven, zoveel beroemdheden met carrière switches als wij tegenkomen.

    We worden ontvangen in een heel gezellige zitkamer met koffie, thee en zelfgebakken heerlijke cakejes. Dat hebben we nog nooit eerder meegemaakt. Ze nemen de tijd om ons aan de hand van een plattegrond wegwijs te maken in de stad. De bezienswaardigheden, de winkels, de restaurants en de pubs. Inverness zelf heeft niet veel te bieden, vertelt de man, het is vooral heel geschikt als uitvalsbasis voor excursies in de omgeving, zoals het meer van Lochness. Wij gaan dat niet doen, we zijn hier maar korte tijd. Morgenochtend reizen we alweer verder. Het echtpaar wijst ons de smetteloze, knusse slaapkamers waar ook alles is gedaan om de gasten zich direct op hun gemak te laten voelen. Tot aantrekkelijk verpakte koekjes aan toe. jammer dat we hier maar kort van kunnen genieten. Wanneer Theo en ik ons geïnstalleerd hebben, lopen we naar de kamer van Jos en Gerda om die te bekijken. Te laat kom ik erachter dat onze sleutel nog in onze kamer ligt. Dat wordt na nog geen vijf minuten de reservesleutel halen. Net geen recordtijd volgens de eigenaar. We verlaten het pand en trekken het stadje in. Bijzonder vind ik de fietsenworkshop op de hoek. Je kan er je fiets laten, leren maken en tegelijkertijd koffie/theedrinken. Het ziet er heel gezellig uit. Stom dat ik geen foto heb gemaakt.

    We bezoeken een kasteel dat niet open voor publiek is en stappen een oude kerk is die helemaal is volgestouwd met tweedehands boeken. Zoiets geeft altijd een bijzondere sfeer, het is leuk om gewoon even doorheen te lopen. Onderweg komen we de ‘Whetherspoon’ tegen. Die kennen we andere plaatsen die we bezocht hebben. Smakelijk en goed eten voor een lekker prijsje. Ook hier is het een combi van eten en pub. We besluiten er later te gaan eten, nu gaan we eerst koffiedrinken. Nieuw is dat we nu een koffietent treffen die koffiekopjes formaat soepkom heeft. We doorkruisen daarna nog allerlei straatjes, gaan dan eten in de eerder genoemde zaak en blijven daarna nog gezellig hangen met een biertje en een wijntje. Na een paar uur gaan we terug naar het guesthouse om daar nog even van de gezellige zitkamer te genieten. Wanneer we daar naartoe lopen begint het voor het eerste deze reis te regenen. Gelukkig heeft Theo een paraplu bij zich waar hij met Jos onder duikt en trekken Gerda en ik de capuchons van onze vesten over het hoofd. Goed nat komen we aan, trekken wat droogs aan, zoeken de gezelligheid beneden nog even op en dan zoeken we onze nestjes op. Morgen gaat de wekker om 6.45 uur.

    Dag zeven: Portree

    Door de buitendeur gaan Theo en ik via een andere buitendeur weer het guesthouse binnen om daar Jos en Gerda op te halen. Die hebben er al een speurtocht door hun kamer op zitten.Dit keer is de opbrengst een stel sokken. Onze kamers verschillen, waar zij antieke, goudkleurige kranen uit de koninklijke stallen hebben, komen onze kranen bij Gamma vandaan.Of marktplaats. Maar goed, zij hebben weer een laken dat niet passend is waardoor een hoek van het matras krom loopt. Het is gedateerd allemaal, misschien moet het jonge beheerdersstel nog sparen voor wat vlottere spullen en een emmer met een sopje. Met het ontbijt doen ze hun best, het smaakt prima. Het plan is een mooie wandeling langs het water,omhoog een berg op, te maken. Dan zijn we op tijd terug om met Skye tours een sightseeing over het eiland te maken. De fototoestellen gaan natuurlijk mee, wanneer we wederom in het zonnetje op pad gaan.

    Langs het water gaat het langzaam omhoog. Het asfalt maakt plaats voor een smal pad door het struikgewas. Later wordt het rotsachtig en moeten we extra goed uitkijken waar we lopen. Het uitzicht is prachtig! Het water, de heuvels, het groen, de rotsen. Het zijn steeds dezelfde ingrediënten die voor een verrassend wisselend plaatje zorgen. We boffen weer, het zonnetje maakt alles zo mooi. En goed begaanbaar. Met regen is de kans op glibber- en dus valpartijen veel groter. Het zal niemand verbazen dat we veel foto’ s maken. Na zeker een uur omhoog geklommen te zijn komen we op een punt waar we om een berg heen kunnen en dalen achterlangs naar beneden. Geconcentreerd nemen we de afdaling tot we na in totaal zo’n zeven kwartier weer in het centrum uitkomen. Een superleuke tocht! Maar nu koffie. We komen bij een Mexicaanse gelegenheid die op een bordje zegt de lekkerste koffie van de stad te hebben. Dat willen wij proeven. Inderdaad is die erg lekker, evenals de worteltjestaart. Maar het is niet hetgeen op mij de meeste indruk maakt. Dat is het leuk uitziende meisje dat de bestelling opneemt. Of is het een jongen in wording..Ze heeft duidelijk de aanzet tot een snor en een sikje. Bizar is dat de andere drie het niet is opgevallen. Onbegrijpelijk. Observeren is een belangrijk deel van mijn vak, zal ik maar zeggen. We verlaten ‘ Arriba’ en gaan terug naar ‘ The pink House’ waar we ieder in ons eigen verblijf vertoeven. Tot het tijd is om naar plein te gaan waar we zullen opstappen voor de drie uur durende eilandtour. In het witte busje rijden we door het noordelijke deel van het Isle of Skye.

    Onderweg stoppen we regelmatig op prachtige plekken, waar we uitstappen en natuurlijk foto’ s maken 🙂 Bij watervallen, bijzondere rotsformaties, onmetelijke dieptes. Schitterende vergezichten, en ach, wat niet meer. Het is gewoon weer heel erg genieten! De natuur is echt geweldig hier. Wandelen hier is een feestje. Juist omdat het zo ongerept is. De rust die er van uitgaat heeft direct een weldadige uitwerking. Dieper adem halen gaat bijna vanzelf.
    Aan het eind van de middag zijn we terug op het plein, waar we gaan koffiedrinken bij de ons inmidddels vertrouwde tent. En ook dan gaan we daarna, terug in het hotel, naar onze eigen kamer om te relaxen. Om 19.00 verzamelen we opnieuw, op zoek naar een restaurant waar we heerlijk eten. Dan nog een drankje in een hotellounge, elkaar gedag zeggen en weer naar bed… Morgenochtend 8.30 uur ontbijten, naar de bus en op weg naar Inverness.

    Dag zes: van fort William naar Portree

    Om 6.45 uur gaat het wekkertje zodat we drie kwartier de tijd hebben om gepoetst en in de kleren aan het ontbijt te beginnen. Het wordt een maaltijd van gekookte en gepocheerde eieren, warme tomaten, gebakken champignons, toast en yoghurt. Jos heeft een verhaal: omdat hij ‘s nachts onder zijn benen een vreemde bobbel voelde, keek hij maar eens onder het matras. Hij vond daar twee regencapes in een hoes, gerold in een spijkerbroek. Als de gastvrouw het hoort slaat ze ontdaan de handen voor haar gezicht. Wij vinden het vooral grappig. Ze neemt de spullen in ontvangst en wij vertrekken op tijd om de trein van 8.30 uur te kunnen nemen. Bijzonder is dat wij de enige reizigers op het station zijn. De andere aanwezigen, een handjevol, is personeel: van een winkeltje, van het loket, van de trein. In de trein zelf zijn we de enige passagiers. Hoe speciaal wil je het hebben! De conductrice is een vriendelijke vrouw die ons erg aan professor Anderling doet denken. Of komt dat omdat we nu op het Harrie Potter traject rijden? Vreemd hoe deze treinrit direct al iets magisch krijgt. De jongen met de koffiekar rijdt speciaal voor ons vandaag door de coupe. helaas en sorry, we hebben net ontbeten. Sneu, we hopen dat de rest van het personeel zijn verse koffie afneemt. Ondertussen hebben we goed in de gaten dat het landschap de moeite van het bekijken waard is. Het wordt rotsachtig. En weer de bergen, de wolken, de kleuren, de meren. Het is echt schitterend mooi.

    We vergapen ons voor de ramen en Jos en ik proberen de mooiste foto’s te maken terwijl Theo filmt. Dat is best lastig door de bomen die regelmatig verhinderen dat we op tijd een schitterend plaatje kunnen maken. Minder bomen langs het spoor..het zou wat zijn. Of heb ik dat al gezegd? Ook kijken we nu uit naar de beroemde brug die een figurantenrol speelt inde HP films. De brug waarover de Zweinstein Express dendert om de jonge tovenaarsleerlingen naar Zweinstein te brengen. En opeens….ja, daar is ie en het lukt ons er goede foto’s van te maken. We zijn heel gelukkig:) Zo treinen we anderhalf uur door, nog steeds alleen in de trein. Pas na een uur stappen een paar andere mensen in. Door de middelste deur van de trein, de rest blijft dicht. We passeren diverse stationnetje, nu alleen met Schots namen. Nauwelijks uit te speken. Het is echt genieten.

    Rond 10.00 uur komen we aan in Maillaig, het eindstation. We hebben hier bijna een uur overstaptijd voor de boot naar het Isle of Skye. De zon schijnt, een terrasje lonkt, we gaan aan de koffie en de minuten vliegen voorbij. Tijd om naar de boot te gaan. Het aandeel ouderen is enorm, we horen bijna, zo schat ik in, tot de jongsten. We gaan aan dek zitten totdat het daar wel erg fris voelt en we binnen opzoeken. De temperatuur is verder nog steeds heel goed.

    Deze week hebben we nog geen jas aan gehad, zelfs een vest is vaak te veel. Eenmaal op het eiland vinden we vrijwel direct de bus die ons naar Portree zal brengen, een rit van een uur. En ook deze keer zijn we de enige passagiers. Later komen er nog een paar bij, maar niet meer dan vier. De busrit is beslist de moeite, we zien prachtige landschappen voorbij gaan. Schotse schoonheid, beslist. Het is zo mooi. Het klinkt dan ook gek, maar toch gaan tegen het einde van de rit mijn ogen af en toe dicht, en ik ben niet de enige. De constante indrukken, de warmte in de bus.
    Heerlijk en verkwikkend werkt de frisse lucht aan het einde van de bustocht, na het uitstappen. Vanaf dit punt moet het nauwelijks tien minuten lopen naar het guesthouse zijn. De mannen bestuderen grondig het plattegrondje dat we met de reispapieren ontvangen hebben terwijl Gerda en ik kijken gewoon op de borden. Het duurt even voordat ze ons willen horen. Soms is het simpeler dan je denkt;) Ons guesthouse voor twee nachten ligt aan de haven en heet ‘The PinkHouse’. En niet voor niks……veel meer roze kun je het niet krijgen. De kleur knalt je tegenmoet. We gaan het gebouw binnen waar geen mens te vinden is. En geen wc, en ik moet heel, heel erg. Wel een papier waarop staat dat er tussen 16.00 – 19.00 uur ingecheckt kan worden. We zetten onze bagage neer in een ruimte die door moet gaan voor een loungekamer en gaan lopend terug naar het centrum waar ik het dichtstbijzijnde toilet in huppel. Net op tijd. Daarna willen we iets eten en drinken. Broodjes en koffie, we hebben er weer trek in. Verzadigd bezoeken we dan het Schotse VVV om ons voor te bereiden op morgen. We hebben al iets gezien dat ons erg aanspreekt: een zeven uur durende tocht over het eiland waarin we de meest adembenemende dingen zien. Met de folders lopen we naar de balie om iets over de verschillen van de verschillende tochten te horen. Maar en blijkt een grote ellendige overeenkomst. Morgen is het zondag, en rustdag. Er rijden dan geen bussen, veel is gesloten en geen excursies. Kortom, er is morgen geen moer te doen. Huh? Nee! Wat nu? We zijn even overdonderd, daar hebben we die extra nacht niet voor bijgeboekt! Een auto huren dan? Helaas, er blijkt een groep chinezen te zijn die alle beschikbare auto’s gehuurd heeft. We hebben vreselijk de pest in, maar weten ons te gedragen. Dan blijkt de medewerkster een geweldige vrouw te zijn: ze laat het er niet bij zitten. Ze zet zich achter de computer, googelt en belt verschillende mensen. Uiteindelijk heeft ze het voor elkaar dat we morgen toch een tocht kunnen maken, weliswaar de helft korter, maar we zijn allang blij dat we morgen op pad kunnen. Opgelucht verlaten we het pand na eerst de vrouw in ons mooiste Engels en met ons meest blijde gezicht te bedanken.

    Dag vijf: van Oban naar Fort William

    Eenmaal wakker zetten we direct de televisie aan, benieuwd als we zijn naar de uitslag van het referendum. Die is overduidelijk: de Schotten zeggen ‘Nee’ tegen een onafhankelijk Schotland. Wij denken dat het een verstandige keuze is.
    Na het ontbijt verlaten we om 8.30 uur het hotel en lopen met de rugzakken om naar het station. Bijzonder, er staat een hek voor. Pas als het bijna vertrektijd voor de trein is, gaat het hek open en mogen wij en de rest van de reizigers het perron op. Wij reizen zo’ n vijf kwartier en moeten dan overstappen in een plaats met een onmogelijke naam: ?? Het is zo langzamerhand gewoon geworden dat de namen in het Schots worden weergegeven. Soms met de Engelse naam eronder. Er zit meestal een wereld van verschil tussen. We proberen het uit te spreken, maar de tongen struikelen over vreemde letter combinaties. Vermakelijk is het wel.

    Het landschap verandert. Steeds meer rotsen worden zichtbaar, met meertjes en poeltjes ertussen. ook de heuvels worden hoger en zijn soms bergen te noemen. Het is echt heerlijk om naar buiten te kijken. Boeken en tijdschriften die we bij ons hebben worden niet meer ingekeken. Dit is Schotland met soms lichte mist, soms een zonnetje en her en der de eerste herfstkleuren. Het is gewoon lekker genieten. Hoewel we ons zorgen maken om de hele dikke meneer die in het zitje naast ons zat, maar nu al een hele tjd verdwenen is, terwijl zijn spullen er nog liggen. Zit ie steeds op de wc, waar een rij voor staat? Na ruim een uur komt hij de coupé binnenschommelen, en gelijk daar achteraan de kar met koffie waar wij steeds meer naar snakken. Gelukkig, alles is weer goed gekomen.
    In Fort William zijn we niet onder de indruk van het stadje. Het heeft niet een aansprekende sfeer. En dat komt ook niet echt, hoewel dat niets zegt over ons vermaak. Lopend naar het guesthouse ‘Guisachan’komen we op een druk verkeerspunt een bijzonder verkeersbord tegen. Er staan twee wat kromme ouderen op, een man met een stok en een vrouw. Het is een speciale oversteekplaats voor oudere mensen.

    Hoewel, Jos denkt aan een euthanasieplek voor ouderen.. In het guesthouse worden we vriendelijk ontvangen door de Nederlandse (!) eigenaresse. Zij kan ons goed helpen met onze keuze voor de middag: we gaan de Ben Nevis op, de hoogste berg van Groot Brittannië. Terwijl zij de vertrektijden van de bus richting de berg opzoekt, zetten wij onze spullen in de kamers. Vervolgens lopen we naar de supermarkt voor broodjes en drinken en dan door naar het busstation. Het wordt een dubbeldekker waar we bovenin voor het raam kunnen zitten. leuk, leuk 🙂

    Bij de berg aangekomen kopen we kaartjes voor de cable car en zijn daarmee in 20 minuten boven. Daar hebben we een mooi en een ietsje beetje heiig uitzicht, maar het zonnetje breekt weer door. Echt, wat treffen wij het met het weer! We besluiten een route naar een prachtig uitzicht(volgens het bordje) te lopen. Een goede keuze. Zo heerlijk te kunnen wandelen, banjeren en klimmen omhoog. Helemaal mijn ding. En gelukkig, ook de anderen genieten volop. Dat maakt het natuurlijk nog mooier! Op de top gaan we rusten, zitten, wat eten en drinken. Maken foto’s en nog meer foto’s.


    Het is er heerlijk rustig, wat ook eigenlijk niet anders kan in zo’n natuurlijke omgeving waar weinig ingegrepen is. Als het niet anders kan, gaan we weer terug en krijgen onderweg nog een verrassend leuke demonstratie te zien van een parasailer. Het ziet er zo gemakkelijk uit, maar is het vast niet.
    We gaan met de cablecar naar beneden, bekijken, zoals we ook boven deden, een gedeelte van het parcours voor moutainbikers waar komend weekend belangrijke kampioenschappen gehouden worden, en nemen de bus naar het centrum. Natuurlijk moeten we daar het centrum bekijken. We lopen door de rustige winkelstraat, bezoeken de eenvoudige, maar toch hele mooie kerk met de bijbehorende oude graven en lopen nog even naar het water. Het wordt weer wat heiig, niet vreemd, de avond valt en het is uiteindelijk toch september.

    We zoeken een eettent op die volgens het ons inmiddels bekende concept werkt, goed eten en zeer prettig geprijsd en bestellen per ongeluk ( echt, zegt Theo) wel een hele grote portie nachos met allerlei sausjes, waardoor we daarna bijna al verzadigd zijn. Meer dan nog een salade hoeven we niet meer. Naast de paar wijntjes en de biertjes. Dan is het klaar en gaan we terug naar het guesthouse. We frissen ons wat op en gaan dan in de loungeruimte zitten, waar de bar een ingebouwde kast lijkt te zijn. We besluiten een spelletje te doen. Het is nog even dubben welke. Ik heb een mij onbekend kaartspel meegenomen. Het gaat erom dat je als FBI agent schurken vangt. Het klinkt machtig, maar eigenlijk snappen we er niks van, dus smijten we het aan de kant. Iets anders wordt klaverjassen. Een hoogtepunt: Ina, 53 jaar, leert klaverjassen…er wordt nu nog over gespoken;)

    Dag vier: Oban

    Vandaag is het plan om een fikse wandeling naar Dunstaffnage Castle te maken, een afstand van 6 mile. Helaas voelt Jos zich niet lekker, de hotelkamer, vooral de wc, heeft zijn voorkeur. Dus gaan wij met z’n drieen op pad. Gisteren vertelde een autochtone vrouw al dat het prachtige weer uniek is voor september. Vandaag gaat dat gewoon door: de temperatuur is heerlijk, het zonnetje laat zich regelmatig zien. In het VVV, dat naast het hotel gevestigd is, laten we ons de route vertellen waarna we op pad gaan. We lopen langs het water, een strandje, een stukje langs een weg en klimmen een stuk over een heuvel, door groen en bebost gebied. Het is een prettige afwisseling met genoeg uitzichten om van te genieten. Een paar keer vragen we de weg omdat we twijfelen over de route. We gaan goed, maar volgens een postbode kan het korter en hij wijst ons de snellere route. We lopen door een dorpje met kleine, oude huisjes waarvan de bewoners bijna nergens te zien zijn. Na ruim anderhalf uur komen we bij het kasteel en het Maritime Science Center, waarin, niet onbelangrijk, een koffiegelegenheid. We laven ons met koffie, soep en broodjes en gaan daarna verzadigd op weg naar de ruïne. Een rondleding is mogelijk, maar doen we niet. We lopen om het kasteel heen, genieten van de uitzichten over zee en het besef over historisch rijke grond te lopen. In de buurt van het kasteel is een kapel, ook een ruïne die zeer de moeite blijkt. Er zijn oude en redelijk nieuwe graven van de familie Campbell. Ook zijn er herdenkingsstenen in de diverse restanten van muren gemetseld. De laatste in de jaren negentig. Intrigerend, op zo’ n oude plek. Na dit bezoek wandelen we de hele route weer terug. Onderweg pauzeren we nog op een bankje met uitzicht over zee. Na ruim vijf uur zijn we terug bij het hotel en zijn we het er over eens dat het een geslaagde tocht was. We hebben de ‘ plaatjes’ gezien zoals die ook in boekjes over Schotland afgebeeld zijn en weten dat het de komende dagen waarschijnlijk nog mooier gaat worden. Terug in het hotel blijkt het met Jos gelukkig al wat beter te gaan. De uurtjes daarna nemen we onze tijd, rust en verfrissingsmogelijkheid en verzamelen ons begin van de avond om in het hotel te gaan eten. Ze heben een kaart met duidelijk vegetarische gerechten. lekker, en we kiezen er vandaag allevier voor. Na het eten maken we een korte wandeling en eindigen in de pub van het hotel. Nog een uurtje gezelligheid en dan nokken we af. Op de hotelkamer kijken we even naar de districtsuitslagen van het referendum. Het krijgt nu beslist meer onze aandacht dan wanneer we thuis waren geweest. Morgen is de definitieve uitslag, we zijn benieuwd!
    Morgenochtend nemen we om 8.50 uur de trein naar Fort William. Met een overstap komen we daar rond 12.00 uur aan.

    Dag drie: van Edinburgh naar Oban

    De afspraak is om acht uur te ontbijtenn en dat doen we dan ook. Toast, scrumbled en gewone eggs, yoghurt, fruit, kaas, etc, etc., het is er allemaal weer. Daarna de rugzakken ophalen en met een beetje pijn in het hart verlaten we het prachtige hotel. Echt een aanrader! Maar natuurlijk hebben we ook veel zin in de volgende slaapplaats voor twee nachten: Oban. Lopend naar het station scoren we onderweg in een supermarkt lekkere broodjes voor later op de dag. Ruimschoots op tijd komen we voor de trein naar Glasgow waar we moeten overstappen. Dat eerste traject duurt een uur en leggen we af in een drukke trein waarin we niet bij elkaar kunnen zitten. Vanaf Glasgow is dat aanzienlijk beter in de veel rustiger trein waar de cateringdame-buiten-dienst, een groot deel van de 2,5 uur durende rit slapend naast ons, in de vierersoonszit aan de overgang van het pad, doorbrengt.

    Het is gezellig en we zijn in een opperbeste stemming die helemaal niet meer stuk kan als het zonnetje doorbreekt. Zo erg zelfs dat de zonnebrillen uit de tassen gehaald worden. De koffiedame komt een paar keer langs, we eten de meegebrachte broodjes en genieten van het prachtige Schotse landschap. Meerdere malen probeer ik onvergetelijke foto’ s te maken, een enkele keer lukt het. Vaker staan de bomen langs de rails in de weg. Grrr. Als ze die in de regenwouden eens laten staan en langs het spoor beginnen te hakken.. Maak er hoge struiken van en je hoort me niet meer. Dit lijkt af en toe verdomde veel op pesten.

    In tijdschrift ‘Kijk’ lezen we in de rubriek cijfers en feitjes dat de mens 21 emoties op zijn gezicht kan laten zien. Welke, dat staat er niet bij, dus lossen we het zelf op. Wij komen uit op: verbazing, blijdschap, getergd, blij, bedroefd, vragend, vertwijfeld, meewarig, geschrokken, idioot, verliefd, opgewonden, geschokt, ontroerd, meelevend, meelijwekkend, woest, boos, enthousiast, afschuw, en wanhoop. Dat u het maar weet. De treinrit vliegt voorbij en om 13.45 uur komen we in het zonovergoten Oban. Een (oude) vissersplaats aan het water. We zijn ook dit keer snel verkocht door het prachtige plaatje wat zich op onze netvliezen nestelt. Een groot rond water, omgeven door aansprekende, gekleurde gebouwen, die authentiek aandoen.

    Op het water, nog steeds in het heerlijke zonnetjes, kleine en grote vissersbootjes en boten die bedoelt zijn om toeristen te vervoeren. Ik kan het niet laten om op weg naar het hotel ‘Columba’, nauwelijks tien minuten lopen, al foto’ s te maken. Ook van de betogers die tegen onafhankelijkheid van de Schotten zijn. Want het houdt de Schotten bezig, en niet een beetje ook. We komen ze overal tegen, de ‘Ja’ stemmers en de ‘ Nee’ sympathisanten. Overal vlaggen, posters, bordje met ‘Ja’ of ‘Nee’ en mensen met flyers en krantjes die twijfelaars voor zich hopen te winnen. We spreken er vandaag een aantal, toevallig of niet, maar het zijn mensen die willen dat Schotland bij Engeland blijft. Ze spreken hun zorg en vrees uit.
    We wandelen, of klimmen vooral, naar het hoogste punt van Oban: een rond gebouw dat niet meer is dan dat, ooit moest het een museum worden voor kunst en cultuur.

    Helaas, het is nooit voltooid. De bedenker, een filantroop en bankier, stierf voortijdig waardoor het nooit is afgemaakt. Wat rest is een, weliswaar fraai, ronde muur met vele bogen waardoor een schitterend uitzicht op de stad. We dalen daarna weer af naar het centrum en zoeken een terras op voor koffie en taart. Lekker, lekker…Dat er een vrachtwagen voorbij komt, volgepropt met schapen die zeker niet weg zijn naar en feestje, is wat ongemakkelijk. Ik weet niet anders te doen dan wat schaapachtig voor mij uit te kijken. Misschien is het wel een enorme eer om als de Schotse lekkernij, Haggis, op iemands bord te belanden.

    Inmiddels loopt het tegen vijf uur en is het tijd om ons te melden bij de whisky stokerij van Oban voor een rondleiding, waar we ons eerder op de dag voor aangemeld hebben. Jos huppelt al vooruit. De van oorsprong Spaanse gids die zich verontschuldigt voor haar Schotse tongval (!) vertelt ons alle wetenswaardigen van het whiskyproces. Dat doet ze rap en enthousiast. Ik volg het niet helemaal, maar dat het wel veertien jaar kan duren voordat whisky, whisky is, maakt wel indruk. Wanneer er boven een enorm vat geruikt mag worden, explodeert mijn reukorgaan bijna. En nee, ik overdrijf niet.Tsjonge, wat komt dat binnen zeg. We mogen proeven en het glas houden. Aan het einde van de rondleiding wordt nogmaals een rondje gegegeven. We verlaten nog net niet in polonaise de stokerij om op zoek te gaan naar een eetgelegenheid. We vinden iets, vlakbij het station, die een soortgelijke kaart als de ‘Alexander Graham Bell’ van gisteren blijkt te hebben, hoewel iets kleiner. We vinden het best, en eten en drinken weer een tijdje vooruit. Het is al donker wanneer we richting hotel lopen. Een mooi wandelingetje langs het water, met zicht op sfeervol verlichte gebouwen. We besluiten nog even naar de bar van het hotel te gaan ( op de foto, het rode gedeelte, helemaal links).

    Nou, dat blijkt een bijzondere keus. Er is live muziek van accordeonmuzikanten en er is nog een prachtige plek vrij boven het muziekgezelschap, in een loungehoek voor grote ramen. Het echtpaar dat er zit begroet ons hartelijk en is vervolgens bijna niet weg te slaan. Hij is een Schot die heerlijk aan de bier is, zij een Engelse die hem rustig op zijn stoel probeert te houden. Ze heeft daarvoor een speciale aanpak. Wanneer er voorbijgangers gesignaleerd worden staan ze op, proosten met veel geluid en expressie op hen en genieten volop van de reacties. Van vrolijk terugzwaaien tot negeren of tekenen van ongemak. Ook zij blijken volop bezig te zijn met de dag van morgen en vrezen de overwinning van de ‘Ja’ stemmers.Ze dwalen af naar voetbal, Holland, tennis en zo meer. Maar steeds komt terug……..het referendum van morgen; waar gaan de Schotten voor kiezen. Zij verwachten voorlopig niet te kunnen slapen, wij gaan dat nu wel doen.

    Dag twee: Edinburgh

    Wat een opluchting dat het fototoestel terug is. Wat zo gewoon was, is opeens weer bijzonder. Door het achterraam is het leuk kijken naar het vele verkeer. Best nog een behoorlijke stad, New Castle. Ik die niks om auto’ s geef, vind de auto’s in typisch Engelse stijl leuk. De nostalgie die er vanuit gaat. De sfeer van Engelse films, heerlijk. Het station is licht en groot en vooral heel schoon.

    Opvallend, want er is geen vuilnisbak te bekennen. Het is even zoeken naar het kantoor dat onze tickets geldig moet stempelen, maar daarna kunnen we de trein in naar Edinburgh. We rijden door een vooral heel groen, met hooivelden afgewisseld gebied. Het is bewolkt, maar de temperatuur is prima. In Edinburgh stappen we over op een trein dat ons nog dichter in de buurt van het hotel brengt. Leuk is dan al de militair die ons voorbij loopt met op zijn baret de typisch rode pompoen. En ja hoor, de roodharige koppies zien we ook 🙂 In de laatste trein van vandaag zitten we naast een man die zo gecast zou kunnen worden voor een uitgesproken Engelse serie, met zijn opvallend grote hoofd en Brits voorkomen. Het is niet mogelijk om onopvallend een foto van hem te maken. Jammer, jammer. Dan komen we in Edinburgh, de mannen buigen zich over de te lopen route wat erg fijn is, en Gerda en ik volgen hen blindelings. De eerste kennismaking met het hotel is, zoals gezegd, alle verwachtingen overtreffend.

    We worden hartelijk ontvangen, zijn nog iets te vroeg voor onze kamers, laten de bagage achter en trekken de stad is. We genieten van de mooie huizen met hun geheel eigen bouw, de rijen schoorstenen op de daken, de heerlijke doorkijkjes in woonkamers en de bewoonde souterrains, de vroegere woonvertrekken van de dienstbodes. We wandelen richting het meest bezochte gedeelte van de stad en passeren prachtige stukjes. Sfeervol en uniek. Foto’s volgen later. Uiteraard komen we doedelzakspelers tegen, evenals Schotse souvenirwinkels, whiskyzaken en shops die de unieke Schotse ruitenstof verkopen en Schotse pakken, kilten en andere expliciete Schotse kledingstukken. We belanden zelfs in een hele grote winkel waar we muzikaal verwelkomd worden met een luid schallende Gerard Joling…, waar een hele grote weverij aan verbonden is.

    Door het glas kunnen we een glimp opvangen van hoe dat in zijn werk gaat. later wandelen we verder over de Royal Mile naar het Edinburgh Castle. We zijn daar allemaal al eens geweest, we houden het bezoek daarom kort. Tussen dit alles door gebruiken we op een terras een late lunch. Vervolgens trekken we tot het begin van de avond door allerlei straatjes en overal is wel iets te zien van de Schotse folklore.

    Geregeld komen we mensen tegen die zich nadrukkelijk uitspreken voor of tegen het handhaven van de aansluiting van Schotland bij Engeland. Een auto trekt toeterend met Schotse vlaggen door de straten. Voor ramen hangen Engelse of Schotse vlaggen en een paar meisjes laten met handgeschreven borden duidelijk weten dat zij bij Engeland willen blijven.

    We bezoeken een mooie kerk met een hele bezienswaardige kapel en wandelen naar de Carlton Hill, van waar we een goed uitzicht over de stad moeten hebben. Dat klopt, ook staan er een paar, naar Griekse stijl, gebouwen/ monumenten. Niet duidelijk is waarom ze gemaakt zijn, of wat de architect voor ogen had. Maakt niet uit, toch leuk om te zien. We wandelen weer naar beneden en vinden het dan tijd worden om ergens wat te gaan drinken. Het duurt even voor we iets gevonden hebben, maar dat blijkt dan wel een meer dan geschikte ‘tent’ te zijn. The Alexander Graham Bell. De uitvinder van de telefoon. overal hangen oude toestellen. De zaak is heel sfeervol en uitnodigend. Het is dan ook niet moeilijk ons binnen te krijgen. We nemen een drankje en besluiten er tevens te eten. De kaart is uitgebreid en meer dan betaalbaar. Da’ s toch fijn. We brengen er een paar genoeglijke uurtjes door en vertrekken dan richting hotel. Waar we dus zeer gecharmeerd raken van onze kamers en de bibliotheek. Te midden van plafondhoge boekenkasten, een oude schouw en in heerlijke stoelen brengen we daar nog een gezellig uurtje door. Daarna sluipen we ieder met een aantal van de gratis koekjes naar onze kamers…voor morgen in de trein…


    Dag één/twee: boot-trein-Edinburgh

    Laat ik beginnen met het jongste hoogtepunt: de B&B Club Edinburgh, een schitterend pand waar ons eerste hotel in gevestigd is. De inrichting, de sfeer, er is alles aan gedaan om de gasten de haren uit het hoofd te doen trekken van spijt, dat ze maar voor één nacht hebben geboekt. Zeker ook de bibliotheek is voor de boekofiel een plek to be. Het onbeperkte gebruik van allerlei soorten koffie en thee; het is verrukkelijk.

    Maar, nu eerst terug naar het begin. Gistermiddag. Half twee brengt zoon Alex Theo en mij naar het station Hoogkarspel, waarna hij Jos en Gerda ophaalt. Kaartjes kopen voor de trein naar Amsterdam en o, jongens, wat hebben we er een zin in. Stuk voor stuk zijn we bepakt met een rugzak, het symbool van de reiziger die avontuur en de vrijheid van losse handen zoekt.

    Vanuit Amsterdam brengt een bus van de DFDS ons naar IJmuiden. Het inchecken daar heeft iets van de Franse slag. Het is onduidelijk: moeten we nu linksom of rechtsom richting de balie? En welke balie eigenlijk? Het is chaotisch, een ander woord voor slecht geregeld. Uiteindelijk lukt het door navraag om de douane te bereiken. Dan de slurf door en we zijn op de boot. De boot is altijd weer leuk. De vele gangen, de mensen die vrijwel allemaal zoekende zijn naar de juiste hut en lopen te slepen met koffers en tassen. Onze hutten blijken naast elkaar te liggen. Gezellig en makkelijk. Bonken op de muur als je contact zoekt gaat sneller dan whatsAppen. Zeker omdat er geen Wifi beschikbaar is. Nadat we de rugzakken in de hutten hebben gegooid gaan we naar boven, het dek op en de verdere boot verkennen.


    Dat hebben we gauw bekeken omdat we alle vier al eerdere keren deze trip naar New Castle hebben gemaakt. We zoeken een plekje in de lounge, op dek acht, vlakbij onze hutten en bestellen daar onze eerste drankjes van dit reisje. Iets zegt mij dat er nog vele gaan volgen.. De boot vaart uit en wij vertrouwen op de bemanning, blijven zitten en kijken vanachter het glas naar de kalme zee. Later eten wij onze meegebrachte broodjes in een van de hutten en gaan dan op snor naar de taxfree winkels. Theo koopt chocola, Jos blijft hangen op de plek waar whisky geproefd kan worden en Gerda en ik spuiten ons onweerstaanbaar met de luchtjes uit de parfumerieshop. Klaar om het nachtleven op de boot in te duiken. We zoeken en vinden de zaal waar een zangeres haar uiterste best doet, dat valt te waarderen en het levert haar applausjes op. Wij praten, drinken en vermaken ons opperbest, hoewel het even slikken is als de bingo begint. Die Engelsen toch. Her en der om ons heen buigen jongeren, ouderen en alles wat daar tussen zit zich over de nummertjes. Bingo. We nemen nog maar een drankje. Later slingeren we ons een weg naar de hutten, heel gewoon, iedereen slingert. Want ook al is de zee rustig, de balans is toch af en toe zoek. Slapen op een boot vind ik trouwens heerlijk het deinen op het water zorgt voor een wiegende beweging. Dus, ook al slaap ik slecht door de warme temperatuur in de hut, ik geniet wel van de beweging.

    ‘s Morgens: we ontbijten in de loungeruimte met overgebleven broodjes van gisteren en verse koffie en thee. We kunnen dat in alle rust doen zoals we later ook de spullen bij elkaar rapen en de boot verlaten. Op dek zeven verzamelen alle looppassagiers zich en zien we nog een keer een aantal opvallende gasten: de hele dikke dame, het meisje met de enorme grote, meer dan blonde krullenpruik en de vrouw met de hoog omgebonden blauwe rugzak. De rijen voor de paspoortcontrole hier zijn beter georganiseerd en het afhandelen daarvan gaat dan ook een stuk sneller. Op naar de bus die ons naar het station van New Castle zal brengen, een rit van een half uur. We zijn koud vertrokken of Theo raakt lichtelijk in paniek. De fototas, waar is die? Niemand van ons heeft ‘m. Potverdorie! nieuwe camera, meer dan een paar tientjes waard. Ik loop naar de buschauffeur, beneden in de dubbeldekker. Heeft hij ‘ m misschien gezien? Nee. Terug boven bedenkt Theo dat hij voor we op de achterste rij gingen zitten, eerst ergens anders zijn billen had neergelegd. Mogelijk de camera ook? Inderdaad, op de eerdere plek zit een dame met de gevulde fototas op haar schoot en de indruk is dat ze het erg jammer vindt om de tas te moeten afgeven..

    Pagina 1 of 2

    Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén