Ina Hollander

Columnist

  • Categorie: 100 – 100 – 100

    Bijna op zijn eind

    Het heeft even geduurd, er zat een heerlijke vakantie tussen 🙂
    Nog een dag of tien te gaan en dan is 100-100-100 klaar. Prima, ik ga het wegen niet missen. Ik schreef eerder dat het zorgvuldig scheiden van afval steeds meer onderdeel van het dagelijks patroon is geworden. Er wordt daardoor minder over gesproken, andere onderwerpen nemen de plaats in. Het hindert niet, zo hoort het te gaan en behalve het wegen gaan we op dezelfde voet door. Fijn is dat de lijst met Wat Hoort Waar blijft bestaan. Handig bij onduidelijkheid of bij het zoeken van bevestiging.

    Voor mij persoonlijk en het gezin was het meedoen leuk. Het stimuleert om bewuster naar afval en de hoeveelheid daarvan te kijken.

    Ik kijk ook met iets van teleurstelling en verbazing terug op de afgelopen periode. Zo blijft het onbegrijpelijk dat veel mensen na aanmelding niets meer aan het project hebben gedaan. Handelen zoveel mensen impulsief?
    Van de totaal 3327 deelnemers, 480 met nul punten. In mijn gemeente, al uniek met een deelnemersveld van onder de honderd, namelijk 87, zijn er nog steeds 21 mensen die op nul staan. Een gemeenteraadslid verdween na ca. een maand met stille trom van het veld, met nul punten. Er kunnen redenen voor zijn. Daarnaast een flinke groep met een hoeveelheid punten waaruit af te leiden valt dat er weinig aan is gedaan. Enthousiast gestart en daarna de boel laten versloffen. Het valt mij op.
    Jammer dat de gemeente de 100-100-100 actie niet heeft aangegrepen om binnen de gemeentegrenzen het bewustzijn rond het scheiden van afval te vergroten. Op de startbijeenkomst werd het project warm omarmd, juichend binnengehaald. Daarna heb ik er vanuit die hoek niets meer van gehoord.
    ‘Wat is dat, 100-100-100?’ is een veelgehoord antwoord wanneer ik het onderwerp ter sprake breng. Ook mijn dochter, deelneemster in Stede Broec, heeft dezelfde ervaring.

    Ik krijg de indruk dat het scheiden van afval wel belangrijk gevonden wordt, maar geen prioriteit heeft. Ik heb het nu niet alleen over mijn gemeente. Want hoe kan het anders dat ik met mijn huis, tuin en keuken huishouden word gestuurd om het afval honderd procent te scheiden, en ik bij de MC Donalds, in het winkelcentrum, op stations gewoon alles in één bak moet donderen? Je moet gemotiveerd zijn, of een beetje gek, om dan het theezakje van het touwtje met labeltje te scheiden.
    Als het van belang is dat iets gebeurt stel je regels op die aanzetten tot beleid en uitvoering op het gebied van afvalscheiding. Het ontbreken of halfslachtigheid daarvan draagt niet bij tot gedragsverandering van mensen om niet alles meer in één bak te gooien.
    Scholen en verenigingen niet laten betalen voor het ophalen van plastic, maar belonen. Zij vervullen een belangrijke voorbeeldfunctie in het verzamelen daarvan voor kinderen, jongeren en volwassenen.
    Zien afval scheiden, doet afval scheiden. moet je gebruik van maken.

    Tijdens de treinvakantie met manlief overnachtten we in Ljubljana, de hoofdstad van Slovenië.
    Wandelend door deze prachtige stad zagen we overal keurige rijen stalen afvalcontainers, deels boven de grond voor de vier afvalstromen zoals wij die ook kennen. En nergens troep.
    In het centrum van de stad werd ons met trots duidelijk gemaakt dat Ljubljana tot groenste Europese hoofdstad 2016 was gekozen. Dan veeg je de straten natuurlijk een keer extra. Heel goed.
    In Kroatië was de mogelijkheid tot het scheiden van afval minder zichtbaar en dus lastig.
    Als excuus krijgen zij van mij dat het land nog steeds in wederopbouw is na de tien jaar geleden beëindigde oorlog. Zoveel beschadigde gebouwen hebben we gezien. En het grote aantal mijnen in de grond is een groot probleem. Tja, kost ook klauwen met geld om die opruimen. Die prioriteiten snap ik best
    Eén dag waren we in Italië en daar viel op het station direct de verschillende en opvallende gekleurde plastic zakken op in een daarvoor geconstrueerd rek. Hier geen smoes om je troep op de grond te gooien. Op korte, regelmatige afstand waren ze duidelijk te zien.
    De laatste dag in München hetzelfde, met het verschil dat hier de bakken van metaal waren.
    Dan Amsterdam: op het perron de bakken die er al zo lang staan en waar de rotzooi ongesorteerd in gegooid kan worden. En voor zover ik weet is dat op elk station.

    DSC_0597

    Ljubljana


    .DSC_0604
    DSC_1295 Italië
    Ik dacht dat Nederland een koploper was op het gebied van afvalscheiding. Daar kom ik op terug, zonder de details te weten. Puur afgaande op wat ik heb gezien.
    DSC_1341 München

    DSC_1346 Amsterdam

    Een week na thuiskomst werd ik blij verrast door drie meisjes die aanbelden.
    ‘Mevrouw heeft u nog lege batterijen?’ Eén van de meisje toonde de open schoenendoos die al goed gevuld was.
    Belangstellend vroeg ik voor wie of wat ze dat deden. Een bijdehand meisje vertelde dat ze leerlingen van de Meester Spigtschool waren en op school een grote ton hebben staan voor lege batterijen. ‘En die sparen we voor Kika en het milieu.’
    ‘We verveelden ons,’ zegt een tweede meisje, ‘We wilden eerst geld ophalen voor een goed doel, voor kanker of zo, maar dat kan eigenlijk niet. Dus toen bedachten we dat we batterijen voor school konden gaan ophalen.’
    De andere twee beamen het enthousiast knikkend met hun hoofd.
    Ik vind ze geweldig en dat zeg ik. De meisjes glunderen. Dan haal ik de grote pot met batterijen die ik allang eens in de speciale bak bij de Deen had willen gooien. Nu ben ik blij dat ik het niet heb gedaan.

    doos batterijen

    Afvalscheiding: er moet nog een hoop gebeuren, maar links en rechts gebeuren mooie dingen. En ja, daar word ik blij van

    Bijna halverwege

    Als je eenmaal serieus bezig bent met 100-100-100 wordt de uitdaging steeds meer een leefgewoonte. Een regel die aansluit bij mijn wens het goed te doen. Op uiterst bescheiden schaal lever ik daarmee een bijdrage aan een beter milieu en daarmee aan de kwaliteit van leven. Ik voel namelijk wel degelijk verantwoordelijkheid voor een gezonde leefomgeving en dus het terugdringen van zaken die daar negatief op drukken. Het scheiden van afval is de meest simpele manier om een steentje bij te dragen.

    Maar als het scheiden van afval zo belangrijk is, waarom is er dan nog geen wettelijke verplichting om zoiets als een scheidingswijzer op verpakkingen te laten aanbrengen? Zodat duidelijk wordt wat waar moet? Zoals er allang op voedselverpakkingen moet staan welke ingrediënten het bevat en op rookwaren wat de gevaren voor de gezondheid zijn.
    Scheiden van afval wordt daarmee veel gemakkelijker gemaakt. Bovendien kunnen verplichte afvalwijzers een groter bewustzijn bevorderen. Denk ik. Vanuit onwetendheid en gemakzucht wordt nu veel ‘gewoon’ bij het restafval gegooid. En je hoeft geen psycholoog te zijn om te weten dat veel mensen voor het gemak kiezen. Dus maak het ze makkelijker wanneer je successen nastreeft.
    En zet bij die afvalwijzers op verpakkingen fotootjes van producten die van gerecycled afval zijn gemaakt. Dat stimuleert meer dan mensen uitnodigen om op een site te gaan kijken.

    Afvalwijzers moeten dan natuurlijk wel kloppen.
    Zo vind ik het slordig en storend dat bv op de rijstepap (lekker!) van de Melkunie staat dat de beker bij het plastic moet en het aluminium afdeklaagje bij het restval. Fout! Volgens de wat-moet-waar app van de HVC moet het bij het plastic. En wat te denken van de Melkan melkverpakking? Daar staat op dat de dop bij het plastic moet en het pak zelf bij de restverpakking. Dit werkt verwarring in de hand en als je iets niet moet willen.
    Het lijkt mij niet verkeerd als afvalverwerkingsbedrijven, fabrikanten en groene wetgevers eens met elkaar om tafel gaan zitten. Hier valt een hoop te winnen.

    Bij mij staat op het aanrecht een bakje waar verpakkingen in belanden waarvan we niet direct weten waar het moet of waar ik weer eens over twijfel.
    Op de wat-moet-waar app van het HVC zoek ik het later op. Ik heb daarvan een lijstje gemaakt dat ik aan de binnenkant van een keukenkastje heb geplakt. Zo maak ik het mijzelf en mijn huisgenoten gemakkelijker, bovendien wordt het geen bende op het aanrecht als het direct in de juiste bak gegooid kan worden.

    Dit staat er op mijn lijstje:
    – stof: restafval
    – walnoot: gft
    – deodorant spuitbus met vlammetje symbool: klein chemisch afval
    – deodorantroller van glas met plastic roller: glasbak
    – cd: restafval
    – aluminium afdeklaagje van margarine: plastic
    – aluminium afdeklaagje van toetjesbekers etc: plastic
    – foliedeksel van toetjesbekers etc.: plastic
    – papieren verpakking van pakjes boter of margarine: restafval
    – gebruikte papieren zakdoekjes: restafval
    – buitenverpakking beschuitrol: plastic
    – kaaskorstje met plastic eraan: restafval\
    – kaaskorstje zonder plastic: gft
    – soepverpakking: restafval
    – verpakking ontbijtkoek: plastic
    – vervuild papier: restafval

    Dit helpt ons om minder vaak te moeten bedenken: hoe zat het ook alweer?
    Zo wordt het scheiden van afval steeds meer een onderdeel van een normaal leefpatroon.
    Een prettig leven, welteverstaan 🙂

    Week drie

    Opgetogen feliciteerde ik net mijn huisgenoten met het resultaat van deze week: slechts 470 gram restafval! Ongekend. Werd de afvalemmer uit de keuken in een nog niet zo ver verleden verschillende keren per week bevrijd van een uitpuilende pedaalemmerzak, nu was de zak nauwelijks half vol. Als je daarbij bedenkt dat die er vanaf vorige week zondag in zat… Kicken, en dat stimuleert. Juist het wegen van de diverse afvalstromen maakt bewuster, hoewel ik nu ook al weet dat ik het over tien weken beslist niet ga missen. Tegen die tijd zit het optimaal scheiden waarschijnlijk zo in ons systeem verankerd dat ook helemaal niet meer nodig is om er goed mee door te gaan.

    Deze week vond ik de pollvraag interessant: “wat zou jou motiveren om jouw afval nog beter te scheiden?” Uit de volgende vier antwoorden mocht gekozen worden:
    Als de afvalstofheffing daardoor omlaag gaat.
    Als ik meer zou weten over de positieve gevolgen voor het milieu.
    Als de opbrengst naar ‘n goed doel in mijn gemeente gaat.
    Als meer mensen om me heen dit ook zouden doen.

    Ik koos voor het laatste antwoord en was daarmee ver, ver in de minderheid. Van alle 100-100-100 deelnemers kiezen de meesten voor het eerste antwoord. In mijn gemeente Drechterland gaan de meeste deelnemers voor het tweede antwoord.
    Voor mij geldt dat milieu en samenleving belangrijk zijn. Lagere afvalstofheffing kan mij dus niet nóg meer stimuleren. Het is meegenomen, meer niet.
    Bij antwoord twee denk ik dát we al weten dat scheiden van afval goed is. Dat is al voldoende motivatie op zich.
    Maar hoe fijn zou het zijn als het voor nog meer mensen in mijn omgeving een vanzelfsprekendheid om afval te scheiden. Ik kan er dan wel in geloven, als ik zie hoeveel mensen achteloos van alles in verkeerde bakken gooien, voelt dat niet fijn.

    Is het zo dat iets inderdaad pas werkt als er financieel gewin te behalen valt? Of dat er een reputatie op het spel staat? Mijn man werkt bij een grote bank die duurzaamheid nastreeft: op elke afdeling staan vijf aan elkaar gekoppelde bakken, voor plastic, gft, papier, restafval en voor bekers.
    Milieu en duurzaamheid zijn goed verkopende begrippen.
    Ik werk in de zorg en ken binnen de organisatie waarvoor ik werk geen beleid, elke afdeling moet dat zelf weten/bepalen. Er wordt daardoor veel niet goed/willekeurig gescheiden. ook op de locatie waar ik werk. Gelukkig zijn collega’s het met eens dat we daarin kunnen en moeten verbeteren.
    Toch hoor ik het ook van andere organisaties in de zorg: veel afval belandt op een hoop. Commerciële bedrijven lijken het beter voor elkaar te hebben.

    Dat ik met mijn antwoord in de minderheid ben, zegt trouwens niet zo heel veel. Van de 90 deelnemers in Drechterland hebben er slechts 41 een stem uitgebracht.Van alle 3475 deelnemers hebben ruim 1600 deelnemers aan de poll meegedaan. In beide gevallen ongeveer de helft dus.
    Wat mij opvalt en ik zelfs teleurstellend vind is het grote aantal dat nog niets met hun deelname heeft gedaan, afgaande op de nul punten die ze hebben vergaard. Waarom doe je dan mee, vraag ik me af.
    Drechterland neemt binnen de deelnemende gemeenten een uniek positie in door met minder dan 100 mensen mee te doen, zoals gezegd 90. Van die 90 heeft 24 geen enkele punt. Triest toch, na drieënhalve week?
    Een dochter van mij doet namens de gemeente Stede Broec mee, daar is het fenomeen zichtbaar van 120 enthousiastelingen (?) die zich spontaan aanmeldden, waarvan 49 (nog) op nul staan. De topscoorders hebben 186 punten. Voor een goed vergelijk.

    Zoals aangegeven in de poll, voor mij zou 100-100-100 nog leuker worden als iedereen die zich heeft aangemeld ook echt zou meedoen.

    Week twee

    Hoewel ik vind dat we aardig bezig zijn met het scheiden van afval, zie ik hoe we verbeteren. Het scheiden van het kleine gft afval maakte ik al makkelijker door op het aanrecht een bakje te plaatsen. Dat hielp mij, maar zeker ook mijn zoon om de schillen, eierschalen etc. daar te gooien waar het hoort. De pedaalemmer was altijd dichterbij dan de groene container. Toch was het bakje niet ideaal, te klein, wat vaker legen = vaker wegen betekent. Omdat ik ook graag het gemak zoek heb ik een een grotere afvalemmer, met honderd procent afbreekbare plastic zak, naast de gewone gezet. Niet echt een fraai gezicht, dus dat ga ik nog netter oplossen. Voor nu voldoet het.

    Wat ging deze week fout? Het aluminiumfolie! Zonder enige twijfel dacht ik er goed aan te doen om het bij het restafval te gooien. Tot ik het deze week op de ‘wat moet waar’ opzocht. Bij het plastic dus. En zo leer ik steeds weer bij…

    Meedoen aan 100-100-100 betekent dat het scheiden van afval vaker een onderwerp van gesprek is, en dat levert bijzondere informatie op.

    Zo hoorde ik dat de voetbalclub Spirit geen (voorheen) plastic zakken en (nu) geen oranje container verstrekt wordt.
    ‘Huh?’ Reageerde ik, denkende dat ik het niet goed verstaan had.
    ‘Omdat de vereniging als een bedrijf aangemerkt wordt en dan moeten ze betalen voor de zakken/ container en het ophalen ervan’

    Niet alleen voor Spirit, ook voor andere verenigingen geldt dit.

    Een bedrijf?
    Spirit is toch een vereniging?

    Even naar google:
    Wat is een bedrijf:
    “Een bedrijf is een organisatie van arbeid en kapitaal. Een bedrijf dat gericht is op het maken van winst wordt veelal een onderneming genoemd. Een bedrijf dat tastbare producten maakt wordt ook wel een fabrikant genoemd.”

    Precies, dat dacht ik ook.

    “Een vereniging is een organisatie die leden kent en bepaalde doelen nastreeft. Leden betalen contributie en kiezen zelf een bestuur. Denk maar aan een hardloopvereniging en een plaatselijk fanfarekorps. Een vereniging is een rechtspersoon. Zonder winstoogmerk.”

    Juist!

    Aan mij is niet uit te leggen dat een vereniging, want Spirit is natuurlijk niet de enige, moet betalen om het plastic in te zamelen en op te laten halen.
    Spirit met ruim 500 leden haalt ongeveer vier volle zakken plastic per week op. Ingezameld door milieubewuste leden die niet kunnen aanzien dat het plastic (en blik) bij het restafval terechtkomt. Dus bestelden zij op naam van opa’s en oma’s in verzorgingshuizen plastic zakken bij HVC, vulden die bij Spirit en zetten ze vervolgens bij het eigen plastic aan de weg. Tegenwoordig geleegd in de eigen plastic container, dat laatste wordt lastiger omdat de containers vaak al tot de rand gevuld zijn met het eigen plastic en blikken afval.

    Gek: een beetje vereniging moet alle zeilen met activiteiten bijzetten om voldoende geld in de kas te houden voor het draaiende houden van de club.
    Allemaal komen ze wel een keer langs met de Jantje Beton loten, De loten van de Grote Club actie, halen lege flessen of donaties op.
    Verenigingen, clubs, super belangrijk voor het ontwikkelen van gemeenschapszin. Geen dorp, geen stad kan zonder. Misschien is het al eens bewezen, maar ik ben ervan overtuigd dat in een gemeenschap waarin verenigingen grote betekenis hebben, gemeenten een helpende financiële hand helpen waar nodig is.
    Komt bij dat, zeker bij verenigingen met veel jeugdleden, de voorbeeldfunctie zwaar mag meewegen. Belangrijk om ze (ook, hoop ik) buitenshuis te leren dat het scheiden van afval vanzelfsprekend is.

    Of is het HVC die heeft bepaald dat een vereniging een bedrijf is? Zou het dan niet fantastisch zijn als ze eens met een nieuwe blik naar hun doelstelling en maatschappelijke verantwoordelijkheid kijken. Voor mijn part in overleg met de gemeente.

    Een groot compliment aan alle vrijwilligers die zich een plastic bult lopen omdat ze niet alleen het scheiden van afval van groot belang vinden, maar ook de verenigingskosten laag willen houden. Topclubs!

    Week 1

    Vooral een eerste week is zoeken: wat is handig, wat is slim? De opdracht van maandag leek mij bijvoorbeeld geen opdracht, maar een voorbeeld. Multiple choice vragen over waar je de eierschalen, reclamefolders en (lege)tandpastatubes laat. Aan de rechterkant zag ik de optelsom van antwoorden die door andere deelnemers waren gegeven. Waren dit serieuze vragen? Niet meer uitdaging? Een andere opdracht zag ik niet.We beginnen blijkbaar echt bij nul, dus vulde ik achtereenvolgens gft, oud papier en plastic in. De eerste punten zijn daarmee verdiend.

    Het wegen was even een dingetje. Het haakje schoot steeds los voordat ik het gewicht op het display van de afvalweger kon lezen. Dat stopte bij nul wanneer ik cijfers in beeld verwachtte. Mijn gestuntel en gemodder werd opgepakt door mijn man T, die na een paar verbale, niet duurzaam Nederlands, uitlatingen een paar handige handjes meehielp. We kwamen erachter dat het gewicht pas afleesbaar is als je de ballast verwijderd hebt. Een belangrijk weetje dat ongetwijfeld in de gebruiksaanwijzing stond, maar ja…
    Ik denk dat ik de gemiddelde Nederlander ben die van goede wil is, aandacht voor het milieu belangrijk vindt, maar voor wie het overzichtelijk, niet gecompliceerd, eenduidig en overtuigd uitlegbaar moet zijn. Als dat de bedenkers van 100-100-100 lukt kan er een mooie slag gewonnen worden.

    Had ik de afvalmeter door, het haakje bleef onhandig. En juist toen ik had ontdekt hoe te wegen zonder dat het er steeds afviel, raakte ik het kwijt.
    Het was ongetwijfeld aan de zak met plastic blijven hangen die ik in de oranje container leeggooide. Misschien kon ik het nog terugvinden, dacht mijn man. Ik dacht dat niet. Ik ben geen containersnuffelaar, bovendien meende ik dat het in de juiste afvalemmer was beland.
    Niet dus, het had bij oud ijzer gemoeten. Wie het er bij uit wil vissen is welkom.

    Op zoek naar een andere haak kwam ik de emmer, met daaraan een ketting en haak, tegen die gebruikt wordt bij werkzaamheden waarbij de emmer aan een ladder vastgemaakt kan worden. Al uitgeprobeerd, en wat blijkt: veel handiger.

    emmer met haak

    Hoewel een vriendin weer zweert bij de personenweegschaal. Elke week gaat ze daar de grote groene container opzetten, trekt daar 12 kg van af kan dan het juiste getal bij het gft invullen.
    Ik doe dat niet, die bak is echt te vies voor woorden. Aan schoonmaken valt nauwelijks eer te behalen, dus als er een vervangen moet worden!

    Door deze challenge ben ik een bakje op het aanrecht gaan zetten, voor het gft. Tot nu toe belandde dat op schoteltjes of borden dat dan later in de groene bak geleegd werd. En soms, ja, dan belandden koffiepads, appelschillen etc. toch gewoon in het keukenemmertje. Uit luiigheid of omdat het aanrecht bij uitzondering zo lekker ruim was. Dat doen we dus niet meer. Onze zoon van 21 moet daar aan wennen. Want ligt er iets ten onrechte in de restcontainer dan is het van hem. Ik moet zeggen, hij past zich snel aan de strengere regels aan.

    Het eerste filmpje over het afvalbedrijf HVC helpt daarbij. Daarin wordt verteld dat wanneer GFT afval zo zuiver mogelijk wordt aangeboden, dus zonder afval wat daar niet tussen hoort, daar de beste kwaliteit compost en groengas van gemaakt kan worden. Groengas wordt aan het landelijk gasnet aangeboden, van het gft aanbod uit mijn container zou een huishouden 21 dagen kunnen koken. Dat klinkt prachtig natuurlijk. Hoewel het mij niet duidelijk is of ze daarbij mijn geschatte gft verbruik per container (lijkt mij niet), per maand of per jaar mee bedoelen. Maar dát het honderd procent hergebruikt kan worden, graag.

    Met het gft kwam ik deze week geen vragen tegen, wel met het rest- of plastic afval.
    De potjes waarin mijn dag- en nachtcrème inzitten: afval of rest. De binnenkant is duidelijk hardplastic. De buitenkant plexiglas volgens mij.
    Op de site kon ik het niet vinden, dus heb ik het maar als vraag verstuurd. Binnen de 48 uur krijg ik daarop antwoord. Ik gok het potje restafval, het deksel gewoon bij het plastic.
    potje

    Tussen de andere deelnemers ging ik op zoek naar mijn dochter die voor een andere gemeente meedoet. Ze woont alleen en daarom viel mij het hoge gewicht aan restafval op, veel meer dan ons. Hoe kan dat, ze is zo serieus bezig?
    Even een appje, wat blijkt: ze zit nog met een stapel stenen die na het omspitten van de tuin overbleven, per legingsronde gaan er een aantal de grijze container in. Dat verklaart de extra kilo’s. Ik adviseer het gewicht van die stenen buiten de weging te houden om zo een vertekend beeld tegen te gaan. Ze weigert, ze is een eerlijke burger. Zucht…

    Ik heb een oude vaas en een paar versleten rugzakken weggegooid en niet meegewogen. Ben ik nou fout? Wat moet ik doen als ik binnenkort een paar kasten stevig ga ruimen? Wachten tot de challenge over is?

    Daarentegen heb ik wel mijn wattenstaafjes gemolesteerd voor een optimale scheiding van afval: de kopjes wat bij het restafval, de plastic staafjes bij het plastic. Voldaan over deze inzet checkte ik het bij de “Wat hoort wat” link op de HVC site.
    Overdreven lijkt die mijn aanpak te vinden: het gehele wattenstaafje mag gewoon bij het restafval. Dat geldt eveneens voor mijn rubberen tandenstokers met plastic steel.

    Af en toe is het makkelijker dan ik dacht.

    Startbijeenkomst

    Van gedrang bij de ingang van het gemeentehuis is geen sprake. En angst hebben voor een tekort aan zitplaatsen is niet nodig. Voor de mensen die binnendruppelen zijn er stoelen genoeg.
    Direct bij binnenkomst krijg ik een tasje uitgereikt met daarin een pen, vervaardigd uit gerecycled materiaal, een rol met 100% afbreekbare pedaalemmerzakken en een digitale afvalweger met haak . Ook zit er een intentieverklaring in die later door wethouder Vincent Reus voorgelezen wordt, waarna ieder zijn handtekening onder de verklaring zet.
    Maar eerst is er nog koffie en ik sluit me aan bij bekende en onbekende gezichten. De inhoud van het tasje wordt besproken. ‘Onzin’ zegt iemand over de afvalweger ‘geldverspilling, een keuken- of personenweegschaal voldoet ook.’ Ik vind ‘m wel handig, zeker omdat je er ook koffers mee kan wegen. Met een vliegvakantie altijd een dingetje.

    tasje

    Al snel gaat het om wezenlijke dingen. ‘De chipszak, waar gooi jij die in?’
    ‘ En het koffiemelkpak mag echt niet bij het plastic door de binnenvoering van aluminium.’
    ‘Dat wist ik niet, doe ik het steeds fout!’
    ‘Dit kartonnen koffiebekertje, dat kan gewoon bij oud papier.’
    ‘Nee! Het heeft een plastic coating net als melkpakken, dus bij het plastic.’
    Inderdaad, het bekertje doormidden scheuren lukt niet.
    We blijken allen verwarde zoekers die net zo gemotiveerd zijn als dat we tegen wanhoop aan zitten. We zijn de enigen niet blijkt later.
    Sander Willemsen van het 100-100-100 campagneteam start door te vertellen dat de actie in 2014 in Zwolle is begonnen. Sindsdien hebben 75 gemeenten meegedaan of zijn er nog mee bezig, zoals de 29 gemeenten, waaronder Drechterland, die 1 april starten.
    Enthousiast weidt hij uit over de doelstelling om het restafval drastisch te reduceren. Over de recycleproducten die alleen vervaardigd kunnen worden als het afval scheiden zorgvuldig gebeurt, en over de actie. Die wordt zoveel anders. Leuker, spannender en interactiever dan welke actie ook.
    93 dagen lang gaat er iets gebeuren: weekopdrachten, filmpjes, minirapportages, interviews, polls. De zeven dagen die overblijven zijn zondagen. Rust.
    De week van 100-100-100.nu
    Ik weet niet hoe het de anderen vergaat, maar hij prikkelt mijn nieuwsgierigheid. Kom maar op met de unieke persoonlijke accountgegevens. Geduld. Die krijgen we kort voor de startdatum.
    Uitgelegd wordt hoe we punten gaan verdienen die in de speciale webwinkel uitgegeven kunnen worden. Gratis of met kleine bijbetaling zijn daar spullen verkrijgbaar die het scheiden van afval makkelijker moet maken.
    Verstandig haakt Sander in op de commotie die ontstond na het nieuws dat veel van het apart ingezamelde plastic alsnog in de verbrandingsoven belandt. De aanwezige woordvoerder van het HVC wordt uitgenodigd daar iets over te zeggen. Hij is stellig in zijn uitspraak: negentig procent van het plastic wordt in Rotterdam gerecycled. tien procent is restafval, zoals achtergebleven vla etc. Het HVC krijgt er niets van terug. Niets van het plastic gaat naar de verbrandingsoven in Alkmaar.
    Ik geloof hem, maar geloof ook dat er vast wel ergens ook dingen mis gaan. Tegelijkertijd denk ik dat aan alles wat zijn weg nog moet vinden tijd en aandacht gegeven moet worden zodat het honderd procent voldoet aan de doelstelling. Kritisch kijken en positieve feedback helpen daarbij. Goede initiatieven verdienen steun.
    Honderd procent afval scheiden dus.

    En er is werk aan de winkel. Thuis was vandaag een hele slechte dag voor mijn pedaalemmer in de keuken. Een eerlijk beeld:

    pedaalemmer

    Een tikkeltje hilarisch wordt het als wethouder Reus voorafgaande het voorlezen van de intentieverklaring aangeeft hoe graag Drechterland wilde aanhaken bij het project: ‘want alleen met het neerzetten van oranje containers ben je er niet.’ en ‘inwoners van de gemeente zijn enthousiast en super gemotiveerd.’ Enigszins vermakelijk omdat kort daarvoor Sander vertelde dat Drechterland als eerste gemeente bij de startbijeenkomst de honderd deelnemers nog niet heeft behaald.
    De teller staat op 87. Maar aanmelden kan nog! Tot eind maart. Persoonlijk zou ik het leuk vinden als er jongeren zijn die zich actief bezig willen houden met de actie. Want twee dingen vallen me op als ik rond kijk: een oververtegenwoordiging van vrouwen en een geschatte gemiddelde leeftijd van vijftig. Het lijkt mij bijvoorbeeld een prachtig project voor scholieren. Altijd wel een vak te vinden waar dat prachtig ingepast kan worden.

    Tijdens het laatste deel van de geplande tijd kunnen vragen gesteld worden.
    Over kurken die een deelneemster al jaren overtuigd in de gft bak gooit en die nu leert dat ze het voortaan in de zwarte bak moet gooien. Maar vooral gaat het over de containers. Diverse knikken instemmend wanneer iemand zijn ergernis uitspreekt over de nog grotere zwarte bak die we nu gekregen hebben. ‘Terwijl er nu nog maar een fractie inzit, door de komst van de oranje container.’
    Volgens de afgevaardigde van het HVC is het mogelijk om die in te ruilen voor een kleinere. Mensen die belangstelling hebben mogen hun e-mailadres achterlaten.
    Een vrouw die bij vluchtelingenwerk werkt vraagt zich af waarom er geen stickers met plaatjes voor containers beschikbaar zijn voor anderstaligen. ‘Alleen in Drechterland zijn al dertig gezinnen gehuisvest. Met de vele Polen gaat het om honderden gezinnen die geen Nederlands kunnen lezen.’
    De suggestie wordt meegenomen.

    Een moeder vertelt enthousiast over groep zeven met wie ze een rondleiding bij HVC had. ‘Is er een open dag? Want als je daar bent geweest weet je echt waarvoor je het doet. Het was fantastisch om te zien en horen hoe dat gaat.’ Een HVC pr medewerkster staat op en geeft aan dat het bedrijf niet aan open dagen doet, maar dat groepen zich altijd kunnen aanmelden. Hà! Groep 100-100-100 Drechterland schrijft zich ter plekke in voor een rondleiding. Leuk, van 87 individuen naar een team, binnen een uur. Wethouder Reus lijkt gelijk te krijgen met zijn uitspraak over enthousiaste burgers.
    Dan de vraag over wat te doen als je oranje container vol zit, ver voor de ophaaldatum. Mag er dan een losse zak met plastic naast staan? Het antwoord is duidelijk, nu nog wel, op termijn niet meer.
    De aanwezige afvalcoach maakt zich kenbaar. Zij is één van de mensen die de bij de weg gezette containers gaat controleren op inhoud. Wanneer dat afwijkt van de containerbestemming belt zij bij de mensen aan om daarover in gesprek te gaan. Haar ervaring is dat de grijze huisvuilzak gebruikt wordt om plastic in te stoppen dat niet meer in de bak kan. Mag niet. Aan de buitenkant is niet te zien dat er plastic in zit waardoor die niet meegenomen zullen worden.
    De ene na de andere vinger wordt opgestoken. Zoveel vragen, zoveel onduidelijkheden. Tegelijkertijd zoveel gemotiveerdheid.

    Zelfs bij het fietsenrek buiten gaan de gesprekken door. ‘Ik doe al jaren mijn best, maar honderd procent lukt me niet.’ Het lijkt topsport waarbij de lat steeds hoger gelegd wordt. Ik spreek de man bemoedigend toe, we zijn een team, we moeten elkaar steunen. Een topper is hij, alleen al omdat hij zich voor de goede zaak, het milieu wil inzetten.
    Wanneer ik later op de avond in bed kruip, begint mijn man over de HVC app die hij heeft gevonden. De chipszak moet echt in de restcontainer door de aluminium coatinglaag aan de binnenkant.
    Afvalverhalen in bed. Mijn god, waar eindigt dit…

    Aanmelding 100-100-100

    ‘Wij dagen 100 huishoudens uit om gedurende 100 dagen, 100% afval te scheiden’.
    Deze oproep die ik op Facebook voorbij zag komen had direct mijn aandacht.
    En toen ik zag dat de gemeente Drechterland, waarvan ik inwoner ben, ook meedoet kroop mijn muis bijna als vanzelf naar de aanmeldingsknop. ‘Klik’ en ik vulde de gegevens in die nodig waren om de inschrijving voor het project van de HVC compleet te maken. Nog een klik en het was verstuurd.
    Zonder er verder over na te denken en zonder enig overleg met mijn twee huisgenoten. Impulsief en ondoordacht misschien. Of vanuit schuldgevoel omdat ik weleens een theezakje of bananenschil in de restafvalemmer in de keuken gooi. Te beroerd om naar de groene container buiten te lopen. Anderzijds loop ik wel de extra meters naar de plastic bak voor een plastic lepeltje. Als dat nodig is. Want plastic is mij een grotere gruwel dan appelschillen.
    Maar het gescheiden afval vind ik lastiger geworden. Was het eerst alleen de dop van het lege melkpak, nu mag het hele melkpak in de bak met het oranje deksel. En netjes doe ik dat, al maanden. Alleen, tot mijn verbazing zag ik op het pak melk dat ik onlangs bij de Albert Heijn kocht, dat de dop bij het plastic moet en het pak bij de restval. Huh? Dat moet toch al maanden niet meer. Loopt de fabricage van de Albert Heijn melkpakken zo ver achter de feiten aan?
    melkpak AH
    Ik merk dat ik sinds de laatste veranderingen vaak twijfel over wat ik met een verpakking moet: in de grijze of in de oranje. De benaming plastic moet overboord nu er ook blik in moet.
    Dus meldde ik me aan, nieuwsgierig naar het project, naar mijn ervaringen en die van anderen.
    In deze blog deel ik dat graag. Omdat ik het leuk vind dat er op middels deze 100-100-100 aandacht is voor het belang van nog beter afval scheiden. En omdat ik denk dat er meer mensen als ik zijn die het af en toe ook niet meer weten, maar het wel goed willen doen. Want een goed milieu begint bij je zelf. Dat weten we allemaal. Ook ik.
    Dat doet me eraan denken dat ik nu allereerst man en zoon moet informeren over mijn spontane actie. Wel zo fijn als zij ook hun medewerking verlenen om het restafval minimaal te houden. Natuurlijk niet door dat bij de buren in de afvalbak te kiepen…

    Op 16 maart is de startbijeenkomst in het gemeentehuis van Drechterland Volgens de uitnodiging opent wethouder Vincent Reus aansluitend 100-100-100 in Drechterland. Wijkt de gemeente daarmee af van de periode die de HVC op zijn 100-100-100 site noemt? Daar staat namelijk dat van 1 april tot 9 juli zo’n 3000 mensen in 29 gemeenten de uitdaging aangaan. Hoe het zit wordt me vast nog uitgelegd.

    Leuk zou zijn als deze blog interactief kan worden. Ik hoor graag jullie ervaringen, Blauwe Reigers 🙂

    Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén