We kunnen rustig ontbijten en de spullen pakken om de trein van 10.50 uur vanaf het St. Gallen centraal station te pakken. Het wordt een treinreis van ca. 3.5 uur.

Het eerste deel van het traject is naar Zurich dat we ook op de heenreis gereden hebben. Het is prachtig weer wat het uitzicht uiteraard ten goede komt. Veel groene weiden en regelmatig grote koolzaadvelden. Soms zien we de besneeuwde bergen, soms is het landschap niet meer dan heuvelachtig te noemen. Het is prettig om lekker tegen het raampje te hangen en naar buiten te kijken. Na twee uur komen we in Biel/Bienne, waar we moeten overstappen. En opeens is alles anders. Opeens wordt er nergens meer Duits gesproken en zijn alle borden in het Frans. De overgang is bijna bizar te noemen. Ook het landschap is anders. We treinen nu grote stukken langs het glinsterende water van Neuchâtel en ook komen we langs vele wijnvelden. Het landschap krijgt daarmee iets mediterranees, met haventjes waarin plezierjachten en gezellige paviljoens aan het water. De trein neemt nu regelmatig bochten waardoor die enigszins schuin in de rails hangt. Het doet me vaag aan het soort kermisattracties denken waar ik vroeger wel graag in ging.
De trein waar we in Biel/Bienne instapten heeft trouwens ook overal citaten genoteerd. Dit keer dus in het Frans. Een paar: C’ est dans la pauvreté totale que Dieu est né. Il n’ y avait donc plus d’autre espoir. Een andere: la première verte d’ une pensée active sera donc de s’ attacher aux problèmes qui se posent et non pas à ceux que l’on suppose. Je mag het overslaan, hoor, ik houd nou eenmaal van filosofisch doordrenkte teksten 🙂
We arriveren om 14.15 uur in Lausanne, nog steeds met schitterend weer. Het hotel is vlak om te hoek, we checken in, gooien onze spullen in de kamer met Franse invloeden en vertrekken net zo snel weer om onze tijd in Lausanne optimaal te kunnen benutten. Morgen sporen we immers weer verder.
We kiezen voor de weg omhoog achter het station, dat ons leidt naar de oude stad dat nog Middeleeuwse kenmerken moet hebben. We wandelen over diverse pleintjes en door allerlei straten.

Het is druk, bedrijvig en overal zijn wel terrasjes. Toch, het valt ons tegen, het is niet zo mooi als we hadden gehoopt, we vinden het geheel ‘rommelig’ hoewel dat niet helemaal het goede woord is. Sfeervol kunnen we het niet noemen, sommige stukjes ja, maar te weinig om het aantrekkelijk te noemen. We bezoeken de Kathedraal die de grootste van Zwitserland moet zijn, de Notre Dame. We zijn verbaasd en durven ons af te vragen of ze zich misschien hebben vergist..De mooiste is het zeker niet en binnen is er weinig bijzonders te zien.

Aardig is wel dat er een repetitie plaatsvindt van een zanger met een goede stem.
Het is mogelijk om de toren te beklimmen en dat doen we dan ook. Van bovenaf hebben we een riant uitzicht over de stad, maar helaas het laat mijn hart nog steeds niet sneller kloppen, dat doen de klokken wel die opeens beginnen te luiden, terwijl wij slechts op een paar meter afstand staan. Een Amerikaans meisje krijgt bijna een rolberoerte en is vervolgens dolenthousiast dat ze dit heeft meegemaakt en vindt het na twee zinnen al great om ons te leren kennen,een kleine tik van de molen noemen wij dat 🙂
We gebruiken wat op een terrasje in de ‘hoge’ oude stad en besluiten dan naar de ‘lage’ stad te gaan en dat blijkt een hele goede beslissing!

We lopen in een zo recht mogelijke lijn naar beneden en komen dan uit op de boulevard aan het meer van Genève, en daar is het gezellig en sfeervol. Een grote speeltuin voor kinderen, grote schaakborden en een ander ‘bord’spel, overal bankjes, wandelaars, watertjes, bootjes, waterfietsen en terrasjes. Tegen de achtergrond van het mooie grote, gladde meer en besneeuwde bergen. Er hangt zo’n relaxte sfeer. Jong, oud en alles wat er tussenin hangt vermaakt zich hier. We wandelen langs het water, door de parkjes en vlijen ons op een knus plekje neer en genieten. Lausanne heeft het goed gemaakt. En daar nemen we op een terrasje met uitzicht op de boulevard een drankje op.