Corte is een oude vestingstad en de voormalige hoofdstad van Corsica. Wij verblijven in Hotel du Nord, het oudste hotel van de stad, gebouwd in 1833 en ooit een stopplaats voor diligences. Om het hotel te bereiken, loop je vanaf de straat door een deur een soort van steeg door. Vervolgens de trap op naar de receptie. Het hotel heeft geen eigen ontbijtruimte, dat is in het cafe van de buren. Dat doen we nu. De keuze is binnen of buiten. Wij kiezen voor het laatste.Het is een drukke, maar smalle weg. Dus als een stukje verderop een busje midden op de weg gaat laden/lossen staat een verkeer vast en ontstaat een lange rij wachtenden. Ze zijn het zichtbaar gewend, er wordt ogenschijnlijk geduld getoond. Dat de weg zo smal is heeft een vreemde oorzaak, zoals we dat ook Ajaccio zagen. Terrassen van restaurants en cafe zijn aangebouwd op straat, op parkeerplaatsen, regelmatig hebben we het woord betaald parkeren (vertaald he) er gewoon voor zien staan. Dat hoeft hier geenauto te zijn, mag heteen terras zijn…Trottoirs zijn eveneens volgestouwd met terrasstoeltjes en verkoophandel. De doorstroming wordt daardoor natuurlijk zowel op de weg als op de stoep belemmerd. Mijn hollandse mentaliteit vindt dat eigenaardig, maar als toerist vind ik alles wat afwijkend is juist ook leuk;) We ontbijten lekker buiten, pakken daarna t spulletjes en gaan het oude centrum verkennen. Ik zei het gisteren al: het is overal klimmen en dalen, veel in trapvorm, over hele oude bestrating. Het heeft absoluut een charmante uitstraling, als je tenminste goed ter been bent. Voor fysiek minder validen zal het een ramp zijn. We zien overal gebouwen straatjes, beelden en winkeltjes die ons verrassen.Er zijn veel mensen op straat en ondanks het vroege uur vullen de terrasjes zich al. Het is al warm en we hebben de korte broeken aan. We komen op het pleintje met een groot beeld van Gaffori, eengeneraal die belangrijk voor Corte is geweest. Het huis waar hij gewoond heeft staat er nog, de murenervan zitten vol met gaten waar tijdens de belegering van de stad in 1746 de Genuese kogels zijn ingeslagen. Om het beeld zijn terrasjes te vinden en ook de Eglise de l’ annonciation. Maria staat in deze prachtige, zowel vanbuiten als van binnen, een grote rol. Er staan veel beelden van haar opgesteld. De kerk is beslist de moeite waard. Bij Maria met Bernadette steek ik een kaarsje op, niet omdat ik gelovig ben, maar omdat ik weet dat het in de traditie vanmijn moeder en oma is. Die traditie overnemen voelt als een moment van fijne verbondenheid met dierbaren. En dat is altijd goed 🙂 Wat vooral in deze kerk fascinerend is, is de glazen kist met daarin St Theophile. Als Theofiel heeft dat natuurlijk mijn aandacht;) De man is griezelig echt opgebaard. Hij heeft veel goeds voor de stad gedaan en zijn sterfdag wordt elk jaar nog steeds herdacht op 19 mei. Na de kerk wandelen, of beter, klimmen we naar Belvedere waar we een geweldig uitzicht hebben op het kasteel, het oudste deel van de Citadel Van hier kun je goed de verschillende delen van de stad zien. Het oude gedeelte waar wij verblijven en het nieuwe gedeelte in de verte. Dat ziet er gestructureerder en strakker uit. We gaan nu op weg naar de Citadel waar we het huis zien waar de ouders van Napoleon twee jaar gewoond hebben en zijn oudste broer Joseph is geboren. Het ziet er oud enslecht onderhouden uit en is in privebezit. We klimmen door naar het Museum van de Corsicaanse geschiedenis. Vanuit het museum kunnen we ook door het restant van het oude kasteel lopen. Dat wordt weer klimmemn, maar zeker de moeite. Zeker door het nog veel hogere uitkijkpunt dan Belvedere. We kijken over het gebied waar we morgen een flinke wandeling willen maken. Dan bezoeken we de expositie binnen, lekker koel is hetdaar. Wat opvalt is dat de teksten hier eerst in het Italiaans en dan pas in het Frans zijn aangegeven. En tussen de diverse talen voor de audiotour zit een Corsicaanse versie. Buiten gaat het richting de 28/30 graden..Bijzonder in het museum is de uitstalling op poppen van de vele soorten broederschapskleding, compleet met maskers die doen denken aan die van de Kukluksclan (dit schrijf ik fout denk ik.., meteen q? Corrigeer ikthuis wel) ) Zonder die maskers herkennen we een aantal outfits zoals we die een paar dagen geleden bij de processie hebben gezien. Er staat inderdaad een tekst waarop staat dat de broederschappen tegenwoordig nog steeds bestaan, maar het spirituele minder centraal staat. Dat klopt met de geluiden en drank die wij tijdens het feest erna signaleerden 😉 Na het museum kopen we broodjes bij de bakker en gaan vooreen paar uurtjes terug naar het hotel: siesta houden. Het is buiten nu erg warm. Een paar uur later wagen we ons weer naar buiten, we wandelen de oude stad uit naar een brug waarsnelstromend water onderdoor gaat. Het is er diep en langs het water is veel groen. Wat ik niet zie, maar Theo wel is hoe een man een grote gevulde plastic zak over de brugrand kiepert: grofvuillozing? De man is net zo snel weg als dat ie kwam, ik heb hem niet gezien. De zak blijft ondertussen in de diepte steken tussen takken en groen. Treurig die mensen. Mijn geweten gaat al opspelen als ik een flinter plastic in de pedaalemmer gooi inplaats van de zak met plastic. Dat doe ik dus niet; ik slaap graag lekker. Over uitersten gesproken.. Vanaf de brug hebben we een mooi zicht op de oude stad hoog voor ons. Het nieuwe gedeelte ziet er keurig uit, maar het mist de charme van de oude stad. Creatief gebouwd is er ook niet. We klimmen weer omhoog over het oude plaveissel van keien in cement en kopen onderweg eindelijk ons eerste ijsje deze vakantie. Dan gaanwe op zoek naar de fontein met de vier kanonnen. Dat duurt even omdat Theo niet naar mij luistert. Bij uitzondering weet ik iets feilloos te vinden, moet hij altjdeven schakelen. De fontein blijkt weinig voor te stellen en van kannonnen is niets te zien, ook niet met een staaltje fantasie. In de buurt is is een kapel die we meepakken. Het is opnieuw een juweeltje. Rijkvoorzien van mooie beelden en prachtige (plafond) schilderingen. Theo ziet op zijn klokje dat hetterrastijd is en we zoeken een schaduwrijk plekje op Place Paola op. Van de Corsicaanse vrijheidsstrijder pascal Paola staat een groot standbeeld op het plein. Hij heeftiversiteit in Corte pgericht. Die staat tegenwoordig bekend als de kleinste universiteit vanFrankrijk. Om 20.00 uur gaan we etenij een restaurantje aan de overkant van het hotel. Buiten natuurlijk. Het is een heel aangename temperatuur. Het eten is heerlijk. De drankjes ook 😉 Dan nokken we af. Het is mooi geweest vandaag.