Het was een onrustige nacht, niet dankzij ons tweepersoons bed brede lange kussen, maar door de lawaaiige Japanners in het hotel. Praten op een volume die doet denken aan oor problemen en ‘s morgens in alle vroegte smijten met deuren en herrie op de gang. Gelukkig zien we door het raam hoe ze voor het ontbijt de bus instappen. Uiteraard nadat ze van elkaar allemaal weer een foto voor de bus hadden gemaakt.
Het ontbijt is een bijzonderheid. Niet in het restaurant zoals we dachten, maar net zoals gisteravond in de cafetaria. Er wordt ons koffie en jus d’orange gebracht, daar bij voor ieder een stokbroodje, een paar bakjes met gepureerde tomaat, kuipjes olijfolie en een schoteltje met vier plakjes kaas en vier plakjes ham. De plakjes lekker tegen elkaar aan geschurkt. Blijkbaar een regulier Spaans ontbijt, dus wij morren niet. We nemen de eerste slokjes en happen en zien dan door het raam twee grote bussen Spanjaarden uitladen die allemaal binnenkomen en een plek voor het ontbijt zoeken. Het is een grote Spaanse gezelligheid waarbij iedereen tegen elkaar tettert en roept. Rekening houden met de aanwezige gasten is er niet bij. Het hindert ons niet, het is zo kostelijk om te zien. Die duurt een klein half uur, dan heeft iedereen zijn snelle ontbijt gehad en vertrekt weer naar de bus.
Het is zondag vandaag, dan gaan de Spanjaarden er een dagje op uit?
Na ons bijzondere ontbijtje gaan we onze spullen van boven halen, checken uit en verlaten het hotel.
Op het moment dat ik het pand verlaat met een koffer gaan de automatische deuren snel dicht. Ik buiten, mijn arm met de koffer nog binnen. Au! Theo zit het gelukkig, komt aansnellen waardoor de deuren weer opengaan en ik toch met twee armen de vakantie kan vervolgen.
Vandaag gaat Theo rijden, nadat Jos gisteren de eerste dag voor zijn rekening nam. We rijden eerst een etappe van 120 km naar Ronda, om daar het aanwezige moois te bezoeken. Het is prachtig weer, de temperatuur gaat vandaag naar de dertig stijgen zodat we ons goed insmeren. De airco in de auto doet het gelukkig goed. Op de achterbank kunnen Gerda en ik zelfs zelf bepalen hoe warm of hoe koud we het willen hebben. Het is een prachtige mooie route, dwars door de natuur. Ook al is het overal gortdroog.
DE tocht door het bergachtige gebied verloopt rustig met weinig verkeer op de weg. Voor de middag zijn we in Ronda. We parkeren de auto en wandelen naar het centrum waar we gevels van kerken en andere gebouwen zien die de moeite van het bekijken zijn. Ook leuke pleintjes met gezellige terrasjes. Natuurlijk gaan op een daarvan koffie drinken.
Het wordt warm, de zonnebrillen zijn al op, mijn pet komt ook uit de tas. Die bescherming heb ik echt nodig. Waterflesjes hebben we steeds bij de hand. In Ronda willen we de beroemde diep kloof zien, El Tago, met daaroverheen een 18e eeuwse brug. De weg ernaar toe is al de moeite waard, overal is wel wat te zien.Niet altijd mooi. We verbazen ons soms ook over de verwaarloosde panden en de onveilig uitziende elektrische bedrading. Overtuigd zijn we dan dat een dusdanig pand bij ons gedwongen gesloten zou worden.
De kloof, de brug en het uitzicht zijn schitterend. Het houdt ons daar een tijdje vast. Genieten van het uitzicht, de imposante diepte en de omvang van het uitgestrekte ruige gebied. Diep onder ons en in de verte zien mensen lopen. Er is een wandeltocht van 2,5 uur door de kloof. Het lijkt ons machtig om te doen,maar niet vandaag. We besluiten het eind van de vakantie te doen, dan zijn we weer redelijk in de buurt.
We lopen verder en zien een terrasje waarvoor weinig geld een driegangenmenu geserveerd wordt. We gaan zitten en bestellen wat. Dat gaat evenals gisteren niet zonder slag of stoot. Mijn geen vis, geen vlees roept steeds verwarde blikken op bij het personeel dat geen Engels spreekt. Het woord vegetarian zegt ze niks. Gelukkig heeft Jos een boekje Spaans op reis mee, het helpt wat. Geen vlees en vis is in Spanje gewoon raar en bestaat eigenlijk niet.
Na de maaltijd lopen we met een boog door nieuwe straatjes en steegjes terug naar de auto. Mooi plaatsje Ronda, we zijn dat we het hebben gezien, het is de moeite. Theo kruipt weer achter het stuur en Jos is met twee tomtoms de bijrijder. De ene is actueler, maar heeft een kabeltje dat af en toe kuren heeft. De andere is dan standby. We vervolgen onze weg naar Ciclana de la Frontera. Het landschap wordt wat eentoniger en Gerda en ik doen een tukje. Moet kunnen. Na een paar uur door de warmte gewandeld te hebben is het makkelijk wegzakken in een behaaglijk koele auto.
Het tweede deel van het traject is ook zo’n 120 km, ook die verloopt voorspoedig. Wat onderweg opvalt zijn de vele bouwvallen, verlaten ingestorte gebouwtjes die niet geruimd worden. In het weidse landschap heeft niemand er last van zal misschien de gedachte zijn. En ruimen kost geld. Het hotel wordt moeiteloos gevonden. Eenmaal daar moeten we eerst weer een hele ronde rijden om via die route in de parkeergarage te komen, vanwaar we een directe toegang tot het hotel hebben. Bijzonder.
Het hotel ziet er zowel van buiten als van binnen leuk uit. Ook hier weer veel terra, geel en als extra kleur, groen. We blijven hier drie nachten. Het installeren op de kamer combineren we met een verlate siësta.
Tegen 19.00 uur verzamelen we ons weer en trekken het stadje in om te gaan eten. Dat valt niet mee. Het is zondag en alles ziet er verlaten en gesloten uit. Restaurants zien we niet. lopend door de straten zien we overal vuil en viezigheid. Alsof er een feestje is geweest en de schoonmaakdienst nog moet komen. Wanneer we een terrasje passeren zien we overal papieren troep tussen de tafeltjes liggen. Niemand die het deert, tenminste niet dat wij het zien. Wij zouden er echt niet willen zitten. Met moeite vinden we een tent waar we iets gaan eten. Het ziet er niet echt geweldig uit, maar we moeten wat, het is de hoogste tijd dat we iets eten. De bestelling verloopt via een bijna nu al vertrouwd patroon. Vegetarisch wordt niet begrepen en het personeel spreekt geen Engels, toch lukt het om ook voor mij eten op tafel te krijgen.
We besluiten de avond met een loopje naar een hoek waar we nog niet zijn geweest. En verdomd, daar zien we een paar leuke, sfeervolle restaurants die we eerder hadden willen zien. Onthouden dus.
Opwinding beleven we als een opeens een niet te negeren geluid horen. Op zoek naar de oorzaak blijken het grote rondlopende beesten te zijn. Krekels, vertelt een Spanjaard ons. Geen kakkerlakken zoals we een moment denken.We maken wat mee.
Nu naar bed, morgen weer een dag, dan willen we naar Gibraltar.
Antequera-Ronda-Ciclana de la Frontera
