Ze kennen elkaar van de prostitutie, vertelt de vriend nadat hij de vrouw aan mij heeft voorgesteld. Collega’s zogezegd. Gedurende een lange periode ontmoetten ze elkaar regelmatig online, waarna fysieke afspraken volgden.
‘Om de puntjes op de i te zetten.’

We staan op een dorpsfeest met een glas vreugde verhogend spul in onze handen. Mijn verwarring onderdrukkend kijk ik van de een naar de ander, niet eerder ben ik met sekswerkers in aanraking geweest. Zo vanzelfsprekend als ze er over praten! Ik sta er ongemakkelijk bij, maar ook met bewondering. Met hun belangrijke hulpverlening helpen ze velen.

Ik dien slechts één man, luie donder die ik ben. Klein en burgerlijk voel ik me. De vrouw ziet er niet veel anders uit dan ik en van mijn vriend had ik het echt nooit gedacht. Keurig getrouwd ook. Ken je elkaar ooit goed? vraag ik me in stilte af. Want natuurlijk weet ik vanuit de media dat de meeste dames van het leven en hun bezoekers gewoon bij je in de straat kunnen wonen. Dus ook in mijn dorp.

‘Het was een leuke tijd samen’ besluit de vrouw, ‘en een boeiend onderzoek naar prostitutie in West-Friesland.’ Het schaamrood op mijn wangen probeer ik niet te voelen. ‘Wat was de conclusie?’
‘Officieel bestaat het hier niet.’ Ze moeten keihard lachen. Onderzoek? Ik vermoed natte vingerwerk.