‘Dit is echt iets voor jou’. Nonchalant gooit mijn man de krant naar me toe. Juist als we gaan eten, dus moet het wel urgent zijn. Zijn valse grijns belooft niet veel goeds. ‘De meest irritante vragen van vrouwen aan mannen’ luidt de kop van het artikel. Mijn NHD pleegt verraad, is het eerste wat ik denk. Ik lees dat mijn ‘Wat denk je?’ door mannen de meest irritante typische vrouwenvraag gevonden wordt. Ook met ‘Hou je nog van me’ en ‘Vind je me nog aantrekkelijk’ scoor ik hoog op de oestrogeenladder.

Verbijsterd kijk ik hem aan: ‘Wil je dan geen echte vrouw?’ Ik pers er een paar krokodillentranen uit en schuif mijn bord opzij. It’s showtime. ‘Als iemand heel belangrijk voor je is wil je toch graag weten waar de ander aan denkt en moeite voor hem doen? Dat is toch liefde? Dat is toch mooi?’
‘Ja, maar je kan ook overdrijven. Zullen we gaan eten?’ Hij heeft hoorbaar spijt dat hij het me heeft laten lezen. Zijn bloemkoolliefde kan niet wachten.

‘s Avonds op de bank denk ik erover na: belachelijk dat ik als vrouw geen vrouwelijke vragen zou mogen stellen. Dan wordt het toch vreselijk saai!
‘Is er iets?’ informeert mijn man.
Pfff, typische irritante mannenvraag. ‘Nee, niks, hoezo?’ Zuchtend sla ik een bladzijde van de Happiness om.